zondag 31 mei 2009

Loondienst


Loondienst - Loondienst is op vele wijzen een beperking van de vrijheid. Op de een of andere manier dient de liberale democratie haar vleugels ook in bedrijven, scholen en administraties uit te slaan. Waarom zouden de loontrekkenden zich niet ontwikkelen tot leden van een eigen aristocratie? Daarvoor is een nieuwe maatschappelijke denkwijze nodig, een nog ongeformuleerde acrobatie van de geesten, waarin de loontrekkenden op het werk aan alle aspecten van hun menselijkheid én aan de specifieke eisen van hun beroep tegelijk recht doen.

Grootverdieners


Hooggeplaatsen - Grootverdieners hebben kleine zieltjes. Zelfs tijdens een diner met vrienden uit andere maatschappelijke sectoren of later, als ze gepensioneerd zijn, durven ze het niet aan echt kwaad te spreken over hun bazen.

zaterdag 30 mei 2009

Verlichte redelijkheid

Denken en sociale structuur

De verlichte mens leeft in het licht van de rede. De rede is echter niet zomaar een embryonale vaardigheid die bij de geboorte in ons hoofd zit en zich daar met de tijd ontwikkelt. Opdat zij kan functioneren moet zij voldoen aan welbepaalde maatschappelijke voorwaarden en ingebed raken in allerlei sociale contexten. Een volstrekt losgezongen redelijkheid is een fictie, die op dit moment in het leven wordt geroepen door o.m. de breinwetenchappen. Er is dan sprake van een nieuwerwets naturalisme, dat, als het gaat om de wisselwerking tussen denkvermogen en omgeving, de pool van het denkvermogen al te veel aandacht geeft.

Als de inwendige activiteit van de rede aan uitwendige voorwaarden is verbonden volgt daaruit dat de reikweidte en daarmee de kwaliteit van het denken mede uit die condities kan worden afgeleid. De liberale democratie en een geleide economie zijn daarvan de belangrijkste. Dit alles laat zien dat een terechte verheerlijking van de rede dient samen te gaan met een grote sociale barmhartigheid: zeer vele individuen bevinden zich ongewild, door allerlei beperkende omstandigheden in situtaties die hun denken remmen (wie niet een Dennettiaanse 'bright' is is daarom niet automatisch dom). Bovendien vraagt het belang van de rede een voortdurende maatschappelijke waakzaamheid: als de voorwaarden ervoor verslechteren gaat ook hun product achteruit.

God and the Mammon?

Ikzelf ben van mening dat durende welwaart de voornaamste remedie is tegen religieus en andersoortig fanaticisme. Alan Wolfe scheef een lang en zeer interressant artikel over deze problematiek in The Atlantic, March 2008. Ik neem hieronder alleen de probleemstelling over. Wolfe is van een andere mening dan ikzelf.

The coming religious peace by Alan Wolfe

Alan Wolfe is the director of the Boisi Center for Religion and Public Life at Boston College. He is at work on a book about modern liberalism, to be published next year.

Until relatively recently, most social theorists, from Marx to Freud to Weber, believed that as societies became more modern, religion would lose its capacity to inspire. Industrialization would substitute the rational pursuit of self-interest for blind submission to authority. Science would undermine belief in miracles. Democracy would encourage the separation of church and state. Gender equality would undermine patriarchy, and with it, clerical authority. However one defined modernity, it always seemed likely to involve societies focused on this world rather than on some other.

But intellectual fashions are fickle, and the idea of inevitable secularization has fallen out of favor with many scholars and journalists. Still, its most basic tenet—that material progress will slowly erode religious fervor—appears unassailable. Last October, the Pew Global Attitudes Project plotted 44 countries according to per capita gross domestic product and intensity of religious belief, gauged by the responses to several questions about faith (a rendition of the Pew data appears on the opposite page). The pattern, as seen in the Pew study and a number of other sources, is hard to miss: when God and Mammon collide, Mammon usually wins.

donderdag 28 mei 2009

Cultuurpessimisme?


Alain Finkielkraut, De ondergang van het denken, Uitgeverij Contact, Amsterdam, 1988.

Dit briljant essay beschrijft de geschiedenis van het anti-Verlichtingsdenken dat in de periode van Herder tot het hedendaagse postmoderne denken de aloude, universalistische cultuuridealen ondermijnt. Finkielkraut constateert dat niet eens een vervallen moraal het probleem van deze tijd is, maar een verlies van het gevoel voor de maat der dingen (hoog tegen laag, verstandig tegen dom, mooi tegen lelijk).

Pagina 111-112

Wat wil het postmoderne denken? Hetzelfde als de Verlichting: de mens zelfstandig maken, hem als een volwassene behandelen, kortom, hem losmaken - om met Kant te spreken - uit de positie van minderjarige waarvoor hijzelf veantwoordelijk is. Maar met dit kleine verschil: dat de cultuur (bedoeld is het persoonlijke, geïnformeerde denken, JB) niet langer wordt beschouwd als het werktuig voor deze mondigwording, maar als een van de bevoogdende autoriteiten die haar in de weg staan. Vanuit dat gezichtpunt zullen de mensen een beslissende stap in de richting van hun meerderjarigheid hebben gezet op de dag dat denken niet langer als hoogste waarde geldt, maar even onverplicht (en even legitiem) wordt als de toto of als rock en roll: om werkelijk het tijdperk van de onafhankelijkheid binnen te treden moeten wij alle verplichtingen uit het autoritaire tijdperk veranderen in opties.

Pagina 113-114

Ulrich, de man zonder eigenschappen van Musil, liet al zijn ambities definitief varen toen hij voor het eerst over een geniaal renpaard hoorde spreken. Hij was op dat moment (1913) een veelbelovend wetenschapper, een van de jonge talenten op wie de replubliek der denkenden haar hoop hed gevestigd. Maar wat voor zin had het om door te zetten? 'In zijn jonge jaren in de kazerne had Ulrich vrijwel over niets anders horen spreken dan over paarden en vrouwen en dat was hij ontvlucht om een belangrijk man te worden, en toen hij na vaak wisselende inspanningen de top van zijn streven misschien iets naderbij voelde komen, werd hij vandaar af begroet door het paard dat hem voor was geweest ...'

Goed dat er een God is



Roeping
(voor de Zusters van liefde, te Weert)

Zuster Immaculata die al vier en dertig jaar
verlamde oude mensen wast, in bed verschoont,
en eten voert,
zal nooit haar naam vermeld zien.
Maar elke ongewassen aap die met een bord: dat hij
voor dit, of tegen dat is, het verkeer verspert,
ziet 's avonds reeds zijn smoel op de tee vee.
Toch goed dat er een God is.

(1973)

Primum vivere ...

Bertold Brecht
Bei den Hochgestellten

Bei den Hochgestellten
Gilt das Reden vom Essen als niedrig.
Das kommt: sie haben
Schon gegessen.

Die Niedrigen müssen von der Erde gehen
Ohne vom guten Fleisch
Etwas gegessen zu haben.

Nachzudenken, woher sie kommen und
Wohin sie gehen, sind sie
An den schönen Abenden
Zu erschöpft.

Die Gebirge und das große Meer
Haben sie noch nicht gesehen
Wenn ihre Zeit schon um ist.

Wenn die Niedrigen nicht
An das Niedrige denken
Kommen Sie nicht hoch.

Utopie, liefde en besef van verlies


De Landmeter
Het is niet alleen onverschilligheid, in zekere zin
is het misschien zelfs wel liefde die hem dwingt,
er is geen paradijs zonder rentmeester.

Hij is gelukkig met het landschap, maar gelukkig
met het zoeken, coördinaten wijzen hem zijn zichtbare plek,
zijn utopie is de kaart, niet de wereld

Hij wil weten waar hij is, maar zijn troost is
te weten dat de plek waar hij is niet anders bestaat
dan als zijn eigen formule, hij is een gat in de vorm van

een man in het landschap. Met de grenzen die hij
trekt, scherper en duidelijker, vervagen het gras
en de bomen en alles wat daar leeft, luidt en sterft.

Het is heel helder om hem heen, alles is waargenomen.

Uit: Dit uitzicht, Uitgeverij G.A. van Oorschot, 1982

Aanmatiging

Aanmatiging bij verdiensten

- Aanmatiging bij verdiensten beledigt nog meer dan aanmatiging van mensen zonder verdienste: want alleen al de verdienste beledigt.
(MAZM, eerste deel, boek V, 332)

Ratio en illusies innig verbonden


Zukunft der Wissenschaft (MAZM, erster Teil, Buch V, 251)

(...)

Deshalb muss eine höhere Kultur dem Menschen ein Doppelgehirn, gleichsam zwei Hirnkammern geben, einmal um Wissenschaft, sodann um Nicht-Wissenschaft zu empfinden: neben einander liegend, ohne Verwirrung, trennbar, abschließbar; es ist dies eine Forderung der Gesundheit. Im einen Bereiche liegt die Kraftquelle, im anderen der Regulator: mit Illusionen, Einseitigkeiten, Leidenschaften muss geheizt werden, mit Hilfe der erkennenden Wissenschaft muss den bösartigen und gefährlichen Folgen einer Überheizung vorgebeugt werden.

— Wird dieser Forderung der höheren Kultur nicht genügt, so ist der weitere Verlauf der menschlichen Entwicklung fast mit Sicherheit vorherzusagen: das Interesse am Wahren hört auf, je weniger es Lust gewährt; die Illusion, der Irrtum, die Phantastik erkämpfen sich Schritt um Schritt, weil sie mit Lust verbunden sind, ihren ehemals behaupteten Boden: der Ruin der Wissenschaften, das Zurücksinken in Barbarei ist die nächste Folge; von Neuem muss die Menschheit wieder anfangen, ihr Gewebe zu weben, nachdem sie es, gleich Penelope, des Nachts zerstört hat. Aber wer bürgt uns dafür, dass sie immer wieder die Kraft dazu findet?

Schoolrevolutie nodig!


Creatief onderwijs?

Website van De Morgen, 28 mei 2009.

Uit de technologie-index van het Wereld Economisch Forum blijkt dat ons onderwijs het goed doet op vlak van bijvoorbeeld wiskunde en wetenschappen. Maar dat is niet genoeg. Want zaken zoals kritisch en creatief denken meten we niet, maar we weten wel dat we daarin niet aan de top staan. Niet dat onze kinderen niet creatief zijn. 'Elk kind is een kunstenaar. De moeilijkheid is er een te blijven', zei Picasso ooit. En gelijk had hij.

George Land en Beth Jarman onderzochten de capaciteit om creatief te denken bij kinderen tussen 3 en 5 jaar oud en volgden hen tot ze 25 waren. Wat bleek? Van de 3- tot 5-jarigen dacht 98 procent erg creatief, maar op hun 25ste, dus na een hogere opleiding, was nog maar 2 procent van de jongeren een creatieve denker.

Hoe kan dat nu? Kinderen en jongeren leren op school dat er op elke vraag maar één juist antwoord is. Fouten maken wordt afgestraft. Nochtans is een aantal van de beste uitvindingen uit vergissingen en afwijkend denken ontstaan. Denk maar aan Alexander Fleming, die penicilline ontdekte toen hij zijn preparaat bij het raam vergat, of aan de buitenissige evolutietheorie van Charles Darwin.

De leerkrachten en hun opleiding zijn de echte katalysatoren van innovatie. Net die leerkrachten liggen meer dan ooit onder vuur van leerlingen, (over)bezorgde ouders, inspecteurs en ministers. Vroeger maakte de onderwijzer samen met de pastoor en de notaris de dorpse top drie rond. Vandaag staat de leerkracht niet meer in de top tien van maatschappelijk aanzien. Dat moet veranderen. Hoe? Geef hen meer vrijheid, verhoog de mobiliteit tussen onderwijs en privé, vereenvoudig de administratie en beloon hen meer naar werken en volgens resultaten. Tot slot moeten we onze leerkrachten anders opleiden en zorgen dat ze van zender van informatie verworden tot coach van talent. Dat is niet gemakkelijk. Als coach plots creativiteit aanmoedigen terwijl je daar zelf niet toe opgeleid bent is als vragen aan iemand die nooit een voetbalwedstrijd heeft gezien welke ploeg het beste speelde.


Nogmaals het einde van niet eens een begin


De Morgen. Website 28 mei 2009. Voormalig Dexia-topman Miller kreeg ontslagpremie van 825.000 euro

Axel Miller, de vroegere gedelegeerd bestuurder van bank-verzekeraar Dexia, heeft uiteindelijk een ontslagpremie ontvangen van 825.000 euro. Dat blijkt uit het jaarverslag dat Dexia vandaag publiceerde, zo schrijft de krant De Tijd op zijn website.Er was al uitgelekt dat de raad van bestuur van Dexia aan Miller toch een ontslagvergoeding had toegekend, maar voor het precieze bedrag was het wachten tot het jaarverslag.

Einde (van nog niet eens het begin) van de bancaire ascese?

De Morgen, website. 28 mei 2009. Raad van State begraaft wet op topsalarissen.

De Raad van State maakt nu ook brandhout van alle wetsvoorstellen die in het parlement zijn ingediend om de salarissen en ontslagvergoedingen van topmanagers te beperken. Dat schrijft De Tijd.

In januari had de Raad van State al de wetswijziging afgekraakt die de regering voorstelde. Nu doet de Raad van State hetzelfde in een 50 pagina's dik advies met de alternatieve voorstellen die sp.a, PS, Groen! , Ecolo en MR indienden in het parlement. De Tijd kon het advies al inkijken."Het advies van de Raad van State biedt inderdaad geen oplossing", bevestigt Sonja Becq, voorzitster van de Kamercommissie Handelsrecht. "Maar er moet een beperking op de topsalarissen komen. Wij gaan door. Er zijn praktijken die niet door de beugel kunnen. We moeten nu maar een sluitend kader scheppen".

dinsdag 26 mei 2009

Het persoonlijke denken


Op eigen kracht denken - Het niet geïnstitutionaliseerde denken wekt overal wantrouwen. Daarom duikt het onder.

Zijn wij dan niet tolerant?


'België moet meer doen tegen racisme'

Knack website 26/05/2009 13:54

De 'Europese Commissie tegen Racisme en Intolerantie (ECRI)' meent dat België meer moet ondernemen tegen racisme, ook in het politiek discours, en discriminatie. Dat staat in een nieuw rapport van het onafhankelijk orgaan dat werd opgericht door de Raad van Europa.
Het ECRI houdt zich bezig met de monitoring van de mensenrechten en specialiseert zich op het vlak van racisme en intolerantie. Het is samengesteld uit onafhankelijke leden, zo meldt de website van de organisatie.

Volgens het ECRI is er sinds het vorige rapport van januari 2004 vooruitgang geboekt in België op verschillende terreinen, maar zijn er een aantal onderwerpen die aanleiding geven tot bezorgdheid, aldus het rapport.

Ondanks de maatregelen die door de overheid worden genomen, blijven extreem-rechtse partijen hun racistische, antisemitische, islamofobe en xenofobe propaganda verspreiden. In België zijn er niet alleen extreem-rechtse, maar ook neonazi-groeperingen actief, zo merkt het rapport op.

Met betrekking tot racisme, en islamofobie en antisemitisme in het bijzonder, stelt het rapport de voorbije jaren een scherpe stijging vast van racistische websites en discussiefora.
'Dat klimaat is één van de redenen van de aanhoudende incidenten van racistisch geweld in België'.

Er wordt ook verwezen naar herhaalde rapporten die melden dat raciaal gemotiveerd gedrag van de politie niet genoeg aandacht krijgt en dat de verantwoordelijken niet worden gestraft.
Het ECRI haalt ook de aanhoudende (on)rechtstreekse discriminatie op het vlak van tewerkstelling, toegang tot de woningmarkt en op het vlak van de publieke dienstverlening aan.

Waarschuwing twee!


Elio Di Rupo heeft toch gelijk!

Komende liberalisering van de zorgsector -Dirk Sterckx (Open VLD), die aan een derde mandaat als Europees Parlementslid begint, als hij tenminste op 7 juni verkozen wordt, wil nog méér sectoren liberaliseren. "We willen graag het gesprek beginnen over de liberalisering van de zorgsector", zegt Sterckx. "Het Europees Hof van Justitie oordeelde jaren geleden al dat wie in een ander land iets koopt, zijn verzekering moet kunnen aanspreken, en dat geldt ook voor de ziekteverzekering."

Omdat het in de zorgsector gaat over leven en dood, beseft Sterckx wel dat voorzichtigheid geboden is. "Er is, bij een liberalisering van de zorg, daarom een sterke overheid nodig met veel inkijkrecht. Het is zeker niet zo dat de liberalisering van de gezondheidssector zou betekenen, dat we het einde van de beschaving naderen, zoals Elio Di Rupo (PS) beweert."

Mimicry


De anderen - Hier en daar lopen mensen rond met een voortdurend vervellende ziel. Ieder nieuw idee is voor hen een verrassing, een andere kleur, een lentelijk begin. Maar al vlug vervelen ze zich in het eeuwige da capo van de medemens. Omdat ook zij moeten overleven bespelen ze dan maar een gebruikelijk instrument in het alledaags orkest.

Het motto van mijn vrouw

Een gewraakte kantoorleuze - Als je altijd zwijgt zet je niemand aan het denken.

Het ergste















Het toppunt van kwade wil - Zeer ongeloofwaardig zijn de politici die de zoon of de dochter zijn van, die twee of meer openbare ambten cumuleren, die voor de verkiezingen al verklaren dat ze een specifieke ministerpost ambiëren, die op twee of meer kieslijsten tegelijk kandideren, die hun status oppoetsen met het lidmaatschap van zoveel mogelijk beheerraden, die weigeren hun wedde vrijwillig te verminderen als de burger moet besparen, die de straffeloosheid van hun kaste op allerlei wijzen bewaken en uitbreiden, maar absoluut onbetrouwbaar zijn degenen die bereid zijn in een regering met Reynders te stappen.

Domheid

Een vorm van onrechtvaardigheid - Domheid is niet alleen maar onwetendheid. Het goede, dat buiten haar blikveld valt, prijst ze niet. Het kwade, dat ze niet opmerkt, laakt ze evenmin. Zo trekt ze een bloedspoor van valse oordelen en een tracé van onrechtvaardigheid door de tijd.

Het schuwe denken


Cognitieve listigheid - Afgezien van de natuurkunde (die de machtigen bewapent) en het recht (dat hun daden legitimeert) speelt het denken zich af in een weggeborgen stuk van de ziel. Als het aarzelend in de openbaarheid treedt moet het zich vermommen, meestal in de prestigieuze mantel van de wetenschap.

maandag 25 mei 2009

Socialisme

Het algemeen belang - Daar de rijken macht en middelen genoeg hebben om zich uit de nood te redden is het algemeen belang vooral dat van de kleine luiden.

Waarschuwing!


AvH wil winst boeken met zachte sector


Een dochter van de beursgenoteerde holding Ackermans & van Haaren investeert in de aankoop én de exploitatie van rusthuizen. In haar rapportering van de eerstekwartaalresultaten maakt de Antwerpse beursgenoteerde holding Ackermans & van Haaren (AvH) bekend dat zijn dochter Anima Care nv in Aalst zijn eerste rusthuis heeft gekocht. Over de overname van andere rusthuizen wordt gepraat, en er zitten ook nieuwbouwprojecten in de pijplijn. Anima Care is een nv en over wat het doel van een nv moet zijn, doet Luc Bertrand, voorzitter van het directiecomité bij AvH, nooit geheimzinnig. Het gaat om aandeelhouderswaarde: 'Een bedrijf werkt om winst te boeken aan het einde van het jaar'. AvH zoekt die aandeelhouderswaarde allang niet alleen meer in de baggersector en de bankwereld, maar ook in de vastgoedsector. Maar met Anima Care gaat het wel een stapje verder. Dat bedrijf wil uitdrukkelijk een volwaardige speler worden in de zorgsector en niet alleen geld verdienen met investeringen in 'de muren' van rusthuizen maar ook met een kwaliteitsvolle exploitatie ervan.

Met zijn financiële belangstelling voor de zorg- en gezondheidssector staat AvH beslist niet alleen. De sector is tegenwoordig bijzonder sexy. Daar zijn twee goede redenen voor. Ten eerste is de zorgsector crisisbestendig: mensen hebben nu eenmaal niet minder zorg nodig omdat het toevallig crisis is. Ten tweede hebben weinig sectoren zo'n mooi groeiperspectief: onder druk van de vergrijzing zal er de komende jaren veel geïnvesteerd moeten worden in rust- en verzorgingstehuizen. Door wie dan ook.

Volgens Johan Crijns, gedelegeerd bestuurder van Anima Care, moedigt de overheid aan dat ook privéspelers een deel van die markt voor hun rekening zouden nemen. Dat is opvallend, want anders dan in Brussel en Wallonië is de sector in Vlaanderen altijd gedomineerd door de vzw's van congregaties.

Die congregaties maken zich intussen zorgen. De belangrijkste koepel, Zorgnet Vlaanderen, publiceerde in maart al het lijvige dossier Zorg te koop om zijn standpunten over commercialisering, privatisering en marktwerking in kaart te brengen. Voorzitter Guido Van Oevelen denkt dat de basiseisen van de zorgsector niet verenigbaar zijn met die van een onderneming: 'De betaalbaarheid, toegankelijkheid en kwaliteit van de zorg moeten boven elk compromis staan en mogen dus niet in concurrentie komen met het legitieme streven van een nv naar een dividend voor de aandeelhouders', aldus Van Oevelen. Voor hem kan het dat de privé investeert in het nodige vastgoed, maar de zorgverlening zelf wordt beter overgelaten aan vzw's die de eventuele winst per definitie herinvesteren in de zorg. Johan Crijns wijst erop dat de traditionele spelers zowat een vijfde van de bedden waarvoor ze een vergunning kregen niet aanbieden. Volgens hem blokken sommige spelers op die manier bewust de markt af. Maar volgens Van Oevelen slepen projecten gewoon vaak aan omdat de overheid achterblijft met de beloofde subsidiëring.


Verborgen zielen

Verborgen zielen - Esthetische, filosofische of cognitieve prestaties zijn volstrekt onzichtbaar voor diegenen die daartoe niet in staat zijn. Daarom vangen hoge bomen vaak heel weinig wind.

De Verlichting


Dialectiek van de Verlichting - De Verlichting heeft hier en daar een deel van de middenklassen bereikt. De nieuwe elites spurten bangelijk voor haar uit.

Hedendaags cynisme


De lotgevallen van het cynisme - De mensen zijn vandaag de dag uitermate verontwaardigd over de graaicultuur, het manifest gebrek aan verantwoordelijkheid en de straffeloosheid van de elites. Daarom hoeven zij niet cynisch te worden, want wie de oorzaken kent kent ook de remedies. Maar wat als die tegenmaatregelen onmogelijk blijken? Dan rest alleen een stoïsch wachten, een spinozische hardheid, een verkilde innerliche Emigration, vol ingehouden boosheid over en onuitgesproken minachting voor de daders van wie de hebzucht heel duidelijk groter is dan hun eer en hun baan veeleer een soort koloniaal wingewest dan een roeping. Daarom dragen veel medeburgers op dit moment een adder in hun borst: een sissende, maar ingetoomde prive-revolutie. Tegen de gewapende macht van al deze hoge heren is een publieke revolutie niet langer opgewassen en die remedie is erger dan de kwaal.

Misverstanden in een gesprek


Een oorzaak van misverstanden - Menselijke verschijnselen zijn samengesteld en ieder samenstellend deel heeft een eigen intensiteit. Daarom is het in een intellectueel gesprek van groot belang vooraf heel duidelijk te maken welk deel je het liefst is en welke intensiteit je voorkeur wegdraagt.

Soorten waarheid


Vele soorten waarheid - De waarheid van Montesquieu en die van Barrès zijn niet dezelfde. Toch strooiden beiden hun ideeën over de nationale akker uit: vruchtbare beginselen waardoor de Franse maatschappij in alle glorie zou gedijen. Daarom is het een cruciale beslissing welk soort waarheid men zich voorneemt lief te hebben.

De Engelse (r)evolutie (2009)


Slechte gewoonten en nieuwe ideeën in Westminster Palace
(...)

'Het schandaal is symptomatisch voor een politiek systeem dat niet meer werkt', bericht Lia Van Bekhoven. Vijftien dagen geleden is het dat de naar rechts hellende Daily Telegraph, of 'Daily Torygraph' in de volksmond, lezers begon te trakteren op onthullingen over de onkostendeclaraties van hun volksvertegenwoordigers. Sindsdien is de vernedering van Lagerhuisleden dagelijkse kost. De declaraties die werden ingediend voor hondenbrokken, seksvideo's en maaltijden (Labourparlementariërs) en voor kroonluchters, tuinonderhoud, zwembaden en een kasteelgracht (Conservatieven) zijn het gesprek van de dag. Overal worden de losse onkostenregelingen in Westminster becommentarieerd. Het journaal is het spannendste moment van de dag geworden. Elke avond opnieuw drama en onthullingen. En pijn.

Nadine Dorries, Conservatief Kamerlid, blogt dat de druk op Kamerleden te groot is geworden. "De sfeer in Westminster is ondraaglijk", schrijft ze. Mensen checken voortdurend hoe het met hun collega's staat. Iedereen is bang voor een zelfmoord." De reactie van het electoraat was typerend. De BBC werd gebombardeerd met telefoontjes en e-mails van luisteraars die zich persoonlijk bereid verklaarden levensmoeë politici aan hun einde te helpen. "Kamerleden onder druk?", luidde een van de mildste reacties. "Nadat ze ons laten betalen voor de aanleg van een eendenvijver? Ik sta onder druk met een tijdelijke baan die me 19.000 euro betaalt, de constante zorg voor een gezin en voor een dementerende ouder.

Kamerleden als Anthony Sheen, die euro 100.000 kreeg voor onder andere een boswachter die toezag op zijn vijfhonderd bomen, maakten duidelijk hoe ver sommige parlementariërs verwijderd zijn van hun kiezers. "Welk recht heeft het publiek zich met mijn privé-aangelegenheden te bemoeien?", vroeg hij. "Mensen zijn gewoon jaloers. Ik heb een heel, heel groot huis". In vergelijking met het salaris van hun Europese collega's is dat van Britse parlementariërs met 72.000 euro aan de lage kant. Ter compensatie werd een gulle declaratieregeling ingevoerd. Dat had gewerkt toen Kamerleden, die elkaar in het parlement nog steeds aanspreken met 'honourable gentleman' of 'honourable lady', nog zo eerbaar waren dat bonnetjes overbodig waren.

Het materialistische klimaat dat met Margaret Thatcher het Lagerhuis binnenwaaide en door New Labour in stand gehouden werd, veegde de vloer aan met die oude cultuur. Politiek was geen roeping meer, maar een loopbaan.

Iedereen heeft nu de mond vol van politieke veranderingen en constitutionele hervorming. Nieuwe ideeën, sommige eenvoudig en praktisch, andere revolutionair, vliegen de ether rond. Een gekozen Eerste Kamer? Downing Street laat weten haast te willen maken met de invoering ervan. Kiesdistricten die zelf hun Kamerleden kiezen en afzetten? Ze hebben de zegen van Labour en van Conservatieven. Een geschreven grondwet, evenredige kiesvertegenwoordiging, het minimaliseren van het aantal Kamerleden, en zelfs het inkorten van de parlementaire zomervakantie van tien weken; niets is onbespreekbaar.

De kiezer moet het nog zien. Het idee dat, zoals de traditie betaamt, de voorzitter van het Lagerhuis, die zijn politieke nek brak over het onkostenschandaal, beloond zal worden met een zetel voor het leven in het Hogerhuis, plus een verhoogd pensioen, doet niets af aan de scepsis. Op korte termijn zal het Britse electoraat zich wreken door in de gemeenteraads- en Europese verkiezingen van juni de grote partijen te negeren.Voor grondige veranderingen is een consensus nodig. De behoefte voor constitutionele hervormingen is algemeen. Maar de kans dat die overwaait of verzandt in eindeloze discussies, is niet uitgesloten.

Lia van Bekhoven in De Morgen 25/05/09 08u03. Van Bekhoven is correspondente in Londen, onder meer voor de openbare omroep VRT.
Lees ook mijn vorige bijdragen over Politiek (zie het label links hiernaast) en vooral de bijdrage over De aristocratisering van onze maatschappij.

Mozart

Teveel schoonheid - Met een overvloed aan schoonheid valt niet te leven. Zij overspoelt mijn moeizaam verworven stoïcisme, mijn beredeneerd pessimisme en de innerlijke hardheid die ik over lange jaren heen heb opgebouwd. Daarom hou ik niet van Mozart.

Lees ook mijn bijdrage over Pessimisme.

Zijn ze niet allemaal gelijk?

Gelijkheid van alle politieke partijen - Als je alle kleuren mengt krijg je zwart. Ik vrees dat we in de politiek in die richting bewegen.

Democratie

Democratie - Omdat we beiden democraten zijn mag je alles tegen me zeggen, zolang je maar zwijgt.

zondag 24 mei 2009

Verkiezingen en verlossing

Het verlossersprincipe - In hun omgang met de massa's maken volksmenners en politici vaak gebruik van het zogenaamde verlossersprincipe: alles is slecht, luister naar mij en alles wordt goed. Omdat we weten dat deze strategie werkt rijst de vraag welke zwakten in de gemiddelde ziel dit succes mogelijk maken.
Voor een partieel antwoord op deze vraag lees het gedicht van W.H. Auden ' The Unknown Citizen'.

Je vijanden liefhebben?

Je vijanden liefhebben - Als mijn buurman mij ten onrechte beledigt na een weldoordachte beslissing kan ik hem dat moeilijk vergeven. Ik kan dat wel als ik zijn misstap kan toeschrijven aan de overdruk van zijn emoties of aan de omstandigheden. Inzicht in de vele menselijke beperkingen is een voorwaarde voor het sociale verkeer. Het is misschien daarom dat rationalisten, met hun wetenschappelijk optimisme en hun ontembaar vooruitgangsgeloof, neigen naar een zekere onbarmhartigheid.

Privatisering?


Wat is democratie?

door Maurits Martijn Vrij Nederland 05-04-2008

Frank Ankersmit (1945) is hoogleraar intellectuele en theoretische geschiedenis aan de Universiteit Groningen. Vorig jaar verscheen van hem ‘De sublieme historische ervaring’ en zojuist ‘De tien plagen van de staat; de bedrijfsmatige overheid gewogen’ onder redactie van Ankersmit en Leo Klinkers.‘

Democratie is een oud begrip; het stamt uit de tijd van Athene. Iedere tijd geeft er een andere inhoud aan – en zo hoort het ook. Maar er is een constante: alleen de democratie kent het algemeen belang, en gebruikt dat als politiek kompas. In de monarchie draait het om het belang van de vorst en in een aristocratie om dat van een kleine minderheid; daar gaan publiek en privaat belang in elkaar op. De democratie daarentegen kent een strikte scheiding tussen beide; zij weet dat we op het verkeerde pad zijn wanneer private belangen het publieke belang vertekenen. De Franse Revolutie heeft ons met de democratie ook die scheiding tussen publiek en privaat gegeven.Dat raken we nu weer kwijt. Het is tegenwoordig in de mode om publieke belangen en functies in private handen te leggen. Zie de zorg, de post en het spoor. Daar gelden nu slechts private belangen. Dan kun je moeilijk meer van een democratische staat spreken. We gaan weer terug naar de Middeleeuwen, het feodalisme en de tijd van de huurlegers – zoals Halliburton en Blackwater in de Verenigde Staten.

Een indicatie voor deze tendens is ook de juridisering van de samenleving; de rechter beslist in toenemende mate privaatrechtelijk over publieke en politieke aangelegenheden. De VS zijn hier, zoals in zoveel zaken, ons weinig opwekkende voorland.Een belangrijke consequentie van deze verschuiving naar het privaatrechterlijke domein is dat het per definitie ten koste gaat van de zwakkeren in de samenleving. Politiek gaat over conflict. Aan ieder conflict zitten twee kanten. In de eerste plaats is er het conflict zelf. Maar daarnaast wordt ieder conflict als een schaduw begeleid door de vraag of dat conflict in de private of de publieke sfeer getrokken moet worden. Doe je het eerste, dan zal de sterkste private partij het altijd winnen. De zwakkere partij heeft pas een kans als men kiest voor de publieke sfeer.

Om het algemeen belang te kunnen dienen, moeten publieke bevoegdheden corresponderen met publieke verantwoordelijkheden. Ook hier is een zorgelijke ontwikkeling gaande. Bij de onderwijsvernieuwingen, de privatisering en andere rigoureuze veranderingen komen de bevoegdheden niet meer overeen met de verantwoordelijkheden. Een voorbeeld: het rapport van de commissie Dijsselbloem. Hier wordt een aantal oud-ministers als schuldige aangewezen voor de ramp van het onderwijs. Er is iets misgelopen met de verantwoording; de Kamer heeft de blunders indertijd niet geconstateerd. Degenen die de fouten hebben gemaakt, zeggen dat ze het goed gedaan hebben, of dat ze een product van de omstandigheden zijn. Dat is niet waar. Ze waren bevoegd en daarom politiek verantwoordelijk. De instelling van die commissie-Dijsselbloem dwingt tot een reactivering van de politieke verantwoordelijkheid van Ritzen, Wallage, Netelenbos en Van Kemenade voor het door hen gevoerde beleid.

Als democratie vanuit een filosofisch discours wordt benaderd, dan kan het haar weerbaar maken en houden. Maar er moet altijd een concrete vertaalslag naar de werkelijkheid worden gemaakt. Zoals De Tocqueville ooit zei: 'In de politiek is niets zo improductief als een abstract idee.’

zaterdag 23 mei 2009

P.Z. Myers antwoord op Charlotte Allen (zie hieronder)


Why is Charlotte Allen so mad at atheists?
By P.Z. Myers May 22, 2009
Charlotte Allen is very, very angry with us atheists -- that's the only conclusion that can be drawn from her furious broadside in The Times on May 17. She can't stand us; we're unpopular; we're a problem. What, exactly, is the greatest crime of modern atheists? We're boring.
I can't actually argue with that. It's true. We're all just ordinary people -- your neighbors, your friends, your relatives. I know atheists who are accountants, real estate agents, schoolteachers, lawyers, soldiers, journalists, even ministers (but don't tell their congregations!). Our leading lights are college professors, scientists, philosophers, theologians and other such pedantic, scholarly riffraff. For entertainment, they read books, and if they want to do something ambitious and dramatic, they write books. I'm one of them, so trust me, I know -- we don't exactly live the James Bond lifestyle. Calling us boring is a fair cop. But still -- why would anyone get angry about that? I find myself bored witless by games of chance, but I don't write irate letters condemning all card players and demanding the immediate shuttering of all casinos.

I'm afraid I don't believe Allen. There are other motivations behind her denunciations, and they aren't as simple as that she finds us boring.She should drop the pretense that the objectionable part of our character is our lack of excitement. What really annoys Allen is that in our books, blogs and media appearances, we challenge religious preconceptions. That's all we do. It's admittedly not exactly a roller-coaster ride of thrills, but it does annoy the superstitious and the fervent true believers in things unseen and unevidenced. We are also, admittedly, often abrasive in being outspoken critics of religious dogma, but it's also very hard to restrain our laughter and contempt when we see the spectacle of god-belief in full flower.

We witness many people who proudly declare that the Earth was created 6,000 years ago, roughly 9,000 years after the domestication of dogs, 5,000 years after the founding of Jericho and contemporaneous with the invention of the plow. They cling to these beliefs despite contradictions with history, let alone physics, geology and biology, because they believe the Bible is a literal history and science text. We find much to ridicule in these peculiarly unreal ideas. We live in a world where the majority of the population are quite convinced that they have a direct pipeline to an omnipotent, omniscient being who has told them exactly how to live and what is right and wrong, and has spelled out his divine will in holy books. Unfortunately, there are many holy books, and they all disagree with each other, and of all these multitudes claiming possession of such a potent source of information, we similarly see widespread disagreement. This god seems to be an exceptionally unreliable oracle -- most of what he has supposedly said is wrong. We atheists do take glee in pointing out God's lack of consistency, which I'm sure Allen finds irritating.

Contrary to Allen's claim that we aren't interested in criticizing the important elements of religious belief, we are: We go right to the central issue of whether there is a god or not. We're pretty certain that if there were an all-powerful being pulling the strings and shaping history for the benefit of human beings, the universe would look rather different than it does. It wouldn't be a place almost entirely inimical to our existence, with a history that reveals our existence was a fortunate result of a long chain of accidents tuned by natural selection. Most of the arguments we've heard that try to reconcile god and science seem to make God a subtle, invisible, undetectable ghost who at best tickles the occasional subatomic particle when no one is looking. It seems rather obvious to us that if his works are undetectable, you have no grounds for telling us what he's been up to.

Allen requests that we atheists take religious belief seriously. We do; it's hard not to take seriously a bizarre collection of antiquated superstitions that are furiously waved in our faces in our schools, on television, in our politics and even on newspaper editorial pages. That we take the intellectually bankrupt beliefs of religion seriously is precisely why we do question it, and will continue to question it, in our boring way: by simply speaking out.

P.Z. Myers, whose blog is titled "Pharyngula," is a biology professor at the University of Minnesota, Morris.

Een antwoord op de nieuwe atheïsten


Atheists: No God, no reason, just whining

Los Angeles Times May 17, 2009. By Charlotte Allen.

I can't stand atheists -- but it's not because they don't believe in God. It's because they're crashing bores. Other people, most recently the British cultural critic Terry Eagleton in his new book, "Faith, Reason, and Revolution" take to task such superstar nonbelievers as Oxford biologist Richard Dawkins ("The God Delusion") and political journalist Christopher Hitchens ("God Is Not Great") for indulging in a philosophically primitive opposition of faith and reason that assumes that if science can't prove something, it doesn't exist.
My problem with atheists is their tiresome -- and way old -- insistence that they are being oppressed and their fixation with the fine points of Christianity. What -- did their Sunday school teachers flog their behinds with a Bible when they were kids? Read Dawkins, or Hitchens, or the works of fellow atheists Sam Harris ("The End of Faith") and Daniel Dennett ("Breaking the Spell"), or visit an atheist website or blog (there are zillions of them, bearing such titles as "God Is for Suckers," "God Is Imaginary" and "God Is Pretend"), and your eyes will glaze over as you peruse -- again and again -- the obsessively tiny range of topics around which atheists circle like water in a drain.

First off, there's atheist victimology: Boohoo, everybody hates us 'cuz we don't believe in God. Although a recent Pew Forum survey on religion found that 16% of Americans describe themselves as religiously unaffiliated, only 1.6% call themselves atheists, with another 2.4% weighing in as agnostics (a group despised as wishy-washy by atheists). You or I might attribute the low numbers to atheists' failure to win converts to their unbelief, but atheists say the problem is persecution so relentless that it drives tens of millions of God-deniers into a closet of feigned faith, like gays before Stonewall.

In his online "Atheist Manifesto" Harris writes that "no person, whatever his or her qualifications, can seek public office in the United States without pretending to be certain that ... God exists." The evidence? Antique clauses in the constitutions of six -- count 'em -- states barring atheists from office.The U.S. Supreme Court ruled such provisions unenforceable nearly 50 years ago, but that doesn't stop atheists from bewailing that they have to hide their Godlessness from friends, relatives, employers and potential dates. One representative of the pity-poor-me school of atheism, Kathleen Goodman, writing in January for the Chronicle of Higher Education, went so far as to promote affirmative action for atheists on college campuses: specially designated, college-subsidized "safe spaces" for them to express their views.

Maybe atheists wouldn't be so unpopular if they stopped beating the drum until the hide splits on their second-favorite topic: How stupid people are who believe in God. This is a favorite Dawkins theme. In a recent interview with Trina Hoaks, the atheist blogger for the Examiner.com website, Dawkins described religious believers as follows: "They feel uneducated, which they are; often rather stupid, which they are; inferior, which they are; and paranoid about pointy-headed intellectuals from the East Coast looking down on them, which, with some justification, they do." Thanks, Richard! Dennett likes to call atheists "the Brights," in contrast to everybody else, who obviously aren't so bright. In a 2006 essay describing his brush with death after a heart operation, Dennett wrote these thoughts about his religious friends who told him they were praying for his recovery: "Thanks, I appreciate it, but did you also sacrifice a goat?" With friends like Daniel Dennett, you don't need enemies.Then there's P.Z. Myers, biology professor at the University of Minnesota's Morris campus, whose blog, Pharyngula, is supposedly about Myers' field, evolutionary biology, but is actually about his fanatical propensity to label religious believers as "idiots," "morons," "loony" or "imbecilic" in nearly every post. The university deactivated its link to Myers' blog in July after he posted a photo of a consecrated host from a Mass that he had pierced with a rusty nail and thrown into the garbage ("I hope Jesus' tetanus shots are up to date") in an effort to prove that Catholicism is bunk -- or something.

Myers' blog exemplifies atheists' frenzied fascination with Christianity and the Bible. Atheist website after atheist website insists that Jesus either didn't exist or "was a jerk" (in the words of one blogger) because he didn't eliminate smallpox or world poverty. At the American Atheists website, a writer complains that God "set up" Adam and Eve, knowing in advance that they would eat the forbidden fruit. A blogger on A Is for Atheist has been going through the Bible chapter by chapter and verse by verse in order to prove its "insanity" (he or she had gotten up to the Book of Joshua when I last looked).

Another topic that atheists beat like the hammer on the anvil in the old Anacin commercials is Darwinism versus creationism. Maybe Darwin-o-mania stems from the fact that this year marks the bicentennial of Charles Darwin's birth in 1809, but haven't atheists heard that many religious people (including the late Pope John Paul II) don't have a problem with evolution but, rather, regard it as God's way of letting his living creation unfold? Furthermore, even if human nature as we know it is a matter of lucky adaptations, how exactly does that disprove the existence of God?

And then there's the question of why atheists are so intent on trying to prove that God not only doesn't exist but is evil to boot. Dawkins, writing in "The God Delusion," accuses the deity of being a "petty, unjust, unforgiving control freak" as well as a "misogynistic, homophobic, racist ... bully." If there is no God -- and you'd be way beyond stupid to think differently -- why does it matter whether he's good or evil?The problem with atheists -- and what makes them such excruciating snoozes -- is that few of them are interested in making serious metaphysical or epistemological arguments against God's existence, or in taking on the serious arguments that theologians have made attempting to reconcile, say, God's omniscience with free will or God's goodness with human suffering. Atheists seem to assume that the whole idea of God is a ridiculous absurdity, the "flying spaghetti monster" of atheists' typically lame jokes. They think that lobbing a few Gaza-style rockets accusing God of failing to create a world more to their liking ("If there's a God, why aren't I rich?" "If there's a God, why didn't he give me two heads so I could sleep with one head while I get some work done with the other?") will suffice to knock down the entire edifice of belief.

What primarily seems to motivate atheists isn't rationalism but anger -- anger that the world isn't perfect, that someone forced them to go to church as children, that the Bible contains apparent contradictions, that human beings can be hypocrites and commit crimes in the name of faith. The vitriol is extraordinary. Hitchens thinks that "religion spoils everything." Dawkins contends that raising one's offspring in one's religion constitutes child abuse. Harris argues that it "may be ethical to kill people" on the basis of their beliefs. The perennial atheist litigant Michael Newdow sued (unsuccessfully) to bar President Obama from uttering the words "so help me God" when he took his oath of office.

What atheists don't seem to realize is that even for believers, faith is never easy in this world of injustice, pain and delusion. Even for believers, God exists just beyond the scrim of the senses. So, atheists, how about losing the tired sarcasm and boring self-pity and engaging believers seriously?

Charlotte Allen is the author of "The Human Christ: The Search for the Historical Jesus" and a contributing editor to the Minding the Campus website of the Manhattan Institute.

Een antwoord op dit artikel in De Los Angeles Times:

De irrationele economie


Wel verhip! Het is allemaal irrationeel!
Bart Dobbelaere over economie en filosofie. De Standaard on line.

(...)

Over naar de filosofie. Ook een degelijke opleiding en bovendien hoogst nodig in deze economisch woelige tijden. Want wat stond er boven het commentaar in De Tijd donderdag? 'Reken niet op de rede.'Ik zal het nog eens zeggen, met een beetje meer nadruk dit keer. REKEN NIET OP DE REDE. In De Tijd. In volle KBC-crisis. Boven het hoofdartikel. Geschreven door mensen aan wier economische opleiding we niet mogen twijfelen.

U denkt hetzelfde als ik. U denkt dat het roze papier van De Tijd in hun kop is geslagen. U denkt te veel. Wij denken allemaal te veel. Reken niet op de rede.

Ik hoop dat u beseft hoe ontnuchterend dit is. We zijn allemaal moderne mensen. We willen alles snappen, we willen het allemaal beheersen. Niet te veel toeval, want toeval leidt tot chaos en van chaos komt miserie. We schakelen het toeval uit en - omdat fortuna zich nooit helemaal laat uitschakelen - verzekeren we ons. Tegen brand, tegen een plotse ziekenhuisopname, tegen verkeersongevallen, tegen arbeidsongevallen.We rekenen op de rede. Zeker als het om geld gaat. Ik heb bijvoorbeeld meer geld op de bank staan dan op het lottoformulier van vanavond. En als ik al eens aan beleggen denk, dan kies ik voor een gegarandeerd rendement van nauwelijks meer dan niets. Dat gegarandeerd (ik lees de kleine lettertjes niet) doet wonderen bij mij.

En nu blijkt dat het allemaal dwaas is. Economie, geld, bedrijven, winstmarges en collateral debt obligations zijn irrationeel. Een triple A-rating voor betrouwbare financiële instellingen? Het klinkt redelijk, maar het is dat allerminst. Want heel die economie, beste lezer, is niet gestoeld op de rede. 'De markten kunnen langer irrationeel blijven dan u in staat bent daarvoor te betalen', zou Keynes gezegd hebben. En dus is de beste bankier de man die Keynes en het reinen Vernunft van Kant beheerst. Of Descartes. Ik denk, dus ik ben, maar ik denk ook niet te veel want ik mag niet rekenen op de rede.

Een filosoof zou hier de juiste conclusie kunnen aan vastknopen. Ik denk alleen dat ik dit weekend naar de Fnac ga om irrationeel veel geld op te doen.

Gebrek aan zorg


Guy Tegenbos in De Standaard On Line. Zaterdag 23 mei 2009.

Het recht op zorg van gehandicapten staat al een tijd in de kijker. Het is lang niet gerealiseerd. De voorbije dagen kwam er eindelijk ook aandacht voor het gebrek aan zorg voor de duizenden Vlaamse jongeren die ontspoord zijn of dreigen te ontsporen en doorgaans volgt dat uit de ontsporing van hun gezin.

In het Antwerpse alleen al worden 1.300 van die jongeren die dringend hulp en een aangepaste aanpak nodig hebben, terug de straat op gestuurd - 'op de wachtlijst gezet' - omdat de jeugdpsychiatrie en andere hulpverleningsvormen vol zitten. Zelfs als ze delinquent worden, is er geen opvang, want de 'gesloten instellingen' zitten ook vol. Ze worden gedropt in scholen die er ook geen weg mee weten en waar goedmenende leerkrachten dan wel eens door het lint gaan, zoals recent een leraar in Hoegaarden. Het is hoog tijd dit recht op zorg te realiseren. Dat zal veel van het schaarse geld vergen. Maar zonder dat, ontspoort de samenleving. Dit recht op zorg is prioritair. Het sympathieke 'recht op voetbal' verbleekt daarbij.

Godsdient in leven gehouden door atheïsten


Irrational rationality?

The success of religion may be the fault of non-believers (or, if you look at it the other way around, thank god for the atheists!). At least that is one interpretation of a recent individual-based simulation study of social evolution conducted by James Dow at Oakland University in Rochester, Michigan, and published in a recent issue of the Journal of Artificial Societies and Social Simulation (vol. 11, no. 2 2).

Dow built a simulation program (appropriately called evogod) that explored the question of how religion — i.e., a system based on passing along false or unverifiable information about the world — can spread in a society. There are, of course, several theories out there about the evolution of religion, falling into two broad categories: either religion is somehow advantageous and is therefore the result of natural selection, or it is a byproduct of other characteristics of the human brain and social organization. The first possibility comes in two main flavors: the advantage could accrue to religious individuals (standard individual-level natural selection) or groups (invoking the more controversial mechanism of group selection). Dow’s study explores the possibility that religious belief spread because of an individual advantage of some sort.

The first interesting result from the simulations is that under most tested scenarios religion actually does not survive! This is presumably because there is an obvious cost (in terms of sheer Darwinian fitness) to buying into fanciful notions about how the world works. How is it possible, then, that practically every human society has gotten the religious virus? The most surprising result of Dow’s study is that religion spreads only if non-religious people help it by supporting the religious! How is this possible?

The simulation’s structure was not designed to address the question of what mechanism could induce non-religious people to help religious ones, but some possibilities have been suggested nonetheless. According to Dow, “if a person is willing to sacrifice for an abstract god then people feel like they are willing to sacrifice for the community” (the so-called “greenbeard” effect). This is a social version of a well-established evolutionary idea known as the “handicap principle,” where males who can parade useless and costly attributes (be they peacock's feathers or Ferrari sports cars) are more likely to attract females because they are sending the indirect signal that their genes are so good that they can waste energy and resources just to please the female. It attempts to induce the female to imagine what sort of offspring they might be able to produce if only the female would consent to...

As bizarre and irrational as this sort of scenario may seem, there is independent empirical evidence, for instance from studies of Israeli kibbutzim, that religious people do tend to receive more assistance than less religious ones from the rest of the community, again perhaps because they inspire trust. Ironically, of course, this trust originates not because the religious provide more truthful information about the world, but precisely because they display a high degree of commitment to delivering non-verifiable information! Humans, you’ve got to love them.

Posted by Massimo Pigliucci at Rationally Speaking.

Rationally Speaking is a blog maintained by Prof. Massimo Pigliucci (see picture), a biologist and philosopher at Stony Brook University (editing by Phil Pollack).
The blog reflects the Enlightenment figure Marquis de Condorcet's idea of what a public intellectual (yes, we know, that's such a bad word) ought to be: someone who devotes himself to "the tracking down of prejudices in the hiding places where priests, the schools, the government, and all long-established institutions had gathered and protected them."

Denkende poëzie van Fernando Pessoa



Uit de cyclus: De hoeder van kudden V.

Er is metafysica genoeg in denken aan niets.
Wat ik denk van de wereld?
Weet ik veel wat ik van de wereld denk!

Als ik ziek werd zou ik daaraan denken.
Welk idee heb ik over de dingen?
Welke mening heb ik omtrent oorzaak en gevolgen?

Wat heb ik tot nu bespiegeld over God, de ziel,
Over de schepping van de Wereld?
Ik weet niet. Voor mij is daaraan denken de ogen sluiten
En niet denken. Het is de gordijnen dichtdoen
Van mijn raam (dat geen gordijnen heeft).

Het mysterie der dingen? Weet ik veel wat mysterie is!
Het enige mysterie is dat er zijn die denken over het mysterie.
Wie in de zon staat en de ogen sluit,
Begint met niet te weten wat de zon is
En heel veel dingen te denken vol van warmte.
Maar dan opent hij de ogen en hij ziet de zon,
En kan al nergens meer aan denken,
Want het zonlicht is meer waard dan de gedachten
Van alle filosofen en van alle dichters.
Het zonlicht weet niet wat het doet
En daarom faalt het niet en is het gemeengoed en goed.

Metafysica? Welke metafysica hebben die bomen?
Die van groen zijn en gekruind en takken hebben
En van vruchten geven op hun tijd, hetgeen ons niet doet denken
Ons, die niet bij machte zijn ze echt te zien.
Maar welke metafysica is beter dan de hunne,
Die is: niet weten waartoe ze leven
Noch weten dat ze het niet weten?

'Innerlijke constitutie der dingen'...
'Innerlijke zin van het Heelal'...
Dat alles is onecht, dat alles wil niets zeggen.

Het is ongelooflijk dat men denken kan aan dat soort dingen.
Het is als denken aan redenen en doeleinden
Wanneer het eerste ochtendlicht straalt, en langs de rand der bomen
Een zacht en glanzend goud de duisternis verdrijft.
Denken aan de innerlijke zin der dingen
Is overtollig, zoals denken aan gezondheid
Of als een glas water dragen naar het water van de bronnen.

De enige innerlijke zin der dingen
Is dat ze geen enkele innerlijke zin hebben.

Ik geloof niet in God omdat ik hem nooit heb gezien.
Als hij zou willen dat ik in hem geloofde,
Zou hij ongetwijfeld met mij komen praten
En mijn kamer binnenstappen
En mij zeggen, Hier ben ik!
(Dit klinkt misschien lachwekkend in de oren

Van wie, niet wetende wat kijken naar de dingen is,
Ook niet begrijpt degene die erover spreekt
Op de manier van spreken die het waarlijk zien der dingen leert.)

Maar als God de bloemen en de bomen is
En de bergen en zon en het maanlicht,
Dan geloof ik in hem,
Dan geloof ik in hem op ieder uur,
En mijn hele leven is één gebed en één mis,
En een communie met de ogen en door de oren.

Maar als God de bomen en de bloemen is
En de bergen en het maanlicht en de zon,
Waarom dan noem ik hem God?
lk noem hem bloemen en bomen en bergen en zon en maanlicht;
Want als hij, opdat ik hem zou zien,
Zich zon gemaakt heeft en maanlicht en bloemen en bomen en bergen,
Als hij mij verschijnt zijnde bomen en bergen
En maanlicht en zon en bloemen,
Dan is het omdat hij wil dat ik hem ken
Als bomen en bergen en bloemen en maanlicht en zon.

En daarom gehoorzaam ik hem,
(Wat weet ik meer van God dan God van zichzelf?),
Ik gehoorzaam hem door te leven, spontaan,
Als wie de ogen openslaat en ziet,
En ik noem hem maanlicht en zon en bloemen en bomen en bergen,
En ik heb hem lief zonder aan hem te denken,
En ik denk mij hem door te zien en te horen,
En ik ga met hem op ieder uur.

Persoonlijk commentaar:

Ik zal hieronder ingaan op twee thema's. A. Een beschrijving en beoordeling van Pessoa's metafysica. B. De gelijkenis tussen Stengers sterkste atheïstisch argument en dat van Pessoa

A. Pessoa's metafysica.

De metafysica (als filosofie van de ultieme realiteit, de grondstructuur van de werkelijkheid) is dood in zover ze zich bezighoudt met bovennatuurlijke werelden. Vroeger wees ik er al op dat de metafysica nauw verbonden is met een aantal behoeftes. Een daarvan is het feit dat onze veranderlijke, labiele innerlijkheid nood heeft aan stutten in de uiterlijke werkelijkheid. In de hedendaagse wijsbegeerte ontmoet je dan ook heel wat filosofen die hun opvattingen proberen te funderen op externe, objectieve feiten en standen van zaken. Ik denk aan Nietzsche, die zijn 'wil tot macht '" (een menselijk fenomeen) weerspiegeld ziet in de wereld van de dingen of aan Georges Bataille die in de roes van sexualiteit en esthetiek in contact hoopt te komen met een tijdloos, onsterfelijk geheel (het Heilige). Omdat de wetenschap ons leert dat de realiteit voor ons lot onverschillig is, omdat God dood is en omdat we op dit moment geen andere weg kunnen gaan dan die van het pijnlijke, want afgescheiden individualisme is er ook in de hedendaagse kunst een fel verlangen om contact te leggen met de naakte, nog niet door de alledaagse categorieën ingevangen realiteit: een uiterlijke, inspirerende, bevrijdende macht die ons dwingt op een bepaalde manier te zijn, te ervaren, te voelen en te denken. Ik denk aan het neo-realisme, aan Rilkes Dinggedichten, aan de opvattingen van R. Barthes over de fotografie enz.. Blijkbaar is het moderne individu van nature zo leeg dat het wil worden gevuld door krachten van buiten.
Ook Pessoa neemt afscheid van de klassieke metafyscia. Hij beperkt zich tot de oppervlakte van de dingen. Liever de schijn dan een valse, ongrijpbare essentie. Al wat je van het innerlijke wezen van de dingen kan zeggen kan je gewaar worden aan hun buitenkant. Ondanks allerlei verschillen doet hij beweringen die lijken op die van Spinoza: God woont in de dingen, is de dingen (Deus sive natura, pantheïsme). Omdat je aldus zonder complexe redeningen (die altijd geduld vergen, een voorlopig opschorten van het oordeel en die vaak slechts partiële antwoorden op vragen opleveren), maar heel anders - via spontane gewaarwordingen - direct en van nabij in contact kan treden met allerlei objecten kunnen die een rijke ervaringsbron en daardoor een steunpilaar zijn voor het ongevulde, zwakke ik. Alle soorten metafysica (misschien met uitzondering van die van de zuivere, theoretische wetenschap, als die al bestaat) komen tegemoet aan een degelijke behoefte.
Toch heb ik bezwaar tegen Pessoa's metafysische opvattingen. De uiteindelijke essentie en zeker de laatste zin van de werkelijkheid is uiteraard ongrijpbaar, wat niet wil zeggen dat niet naar partiële verklaringen en naar gelokaliseerde zinpatronen kan worden gezocht. Als het gaat over de objectieve realiteit kunnen we alleszins die (deel)verklaringen overlaten aan de meer exacte wetenschappen. Filosofie en kunsten kunnen onderzoeken hoe in onze relatie met de werkelijkheid zin kan onstaan en kan worden beleefd (het gaat dan om de realiteit für uns). Wat me vooral stoort is de onbemiddeldde tegenoverstelling van de werkelijkheid en het ik: alsof er geen sociaal-culturele wereld is, het eigenlijke levensterrein van de mens. Daarin speelt ons collectieve en persoonlijke heil een grote rol (in de cultuur zijn er echt doeloorzaken!). Zinzoekers dienen dan ook vanuit de leefwereld aan het werk te gaan en hoeven zich niet onmiddellijk te confronteren met de naakte, objectieve realiteit. Een dergelijke fout is ook in Heideggers werk te vinden (de Mens tegenover het Zijn). Als de filosofische metafysica nog een toekomst wil hebben dan dient ze zich te transformeren in een soort existentieële fenomenologie: de gedetailleerde studie van de mens in zijn relaties met de leefwereld en van zijn blik op de realiteit zoals die gekleurd is door het menselijk belang, de geschiedenis en de maatschappij.
Lees ook mij bijdrage over Tom Boonen als metafysica voor het volk.
B. Pessoa's atheïstisch argument vertoont een sterke gelijkenis met een van de argument van Stenger: als God bestaat laat hij zich wel kennen.
Lees daarover in een vorige bijdrage, die Stengers tekst bevat.

vrijdag 22 mei 2009

Fundamenteel principe in de socialezekerheidspolitiek


Hét basisprincipe in de socialezekerheidspolitiek is het volgende: pas als de staat voldoende inkomsten heeft kan de SZ worden gefinanceerd. Wie de SZ lief is is maar best op zijn hoede voor partijen en politici die de lasten van de burgers liefst juist voor de verkiezingen willen verlichten. Financiële cadeaus gaan van staatswege meestal naar die groepen die het al goed hebben: het beruchte Mattheuseffect. Wie inzicht heeft in de belastingswetgeving en vooral in de vrijwillige laksheid waarmee die wordt toegepast weet dat de zeer rijke groepen het minst (indien al iets!) betalen.

In De Morgen van 22 mei 2009,schrijft Yves Desmet dan ook zeer terecht:

Wat ook altijd werkt, denken velen, is een pak beloften uit de kast halen: weer zal Vlaanderen een fiscaal paradijs worden, waar de meest performante sociale bescherming op een magische manier overeind zal blijven staan. De pensioenen moeten omhoog, niemand zal nog op een wachtlijst staan, en de hardwerkende Vlaming zal minder dan ooit zijn centen aan de overheid moeten afgeven. Hoe dat te rijmen valt, kan niemand uitleggen, maar dat doet er weer even niet toe.
Alleen Herman Van Rompuy, stilaan op de leeftijd dat verkiezingsstress hem niet meer treft, durft het nog aan simpele waarheden te vertellen: met name dat zelfs de rijke Vlaamse overheid volgend jaar op een begrotingstekort afstevent, en dat alles dus in het teken zal staan van besparingen en nieuwe inkomsten zoeken.

Maar dat durft vrijwel niemand anders vertellen. Nee, stem op ons, en morgen zijn alle problemen opgelost.

donderdag 21 mei 2009

De moderne mens


The Unknown Citizen

by W. H. Auden
He was found by the Bureau of Statistics to be
One against whom there was no official complaint,
And all the reports on his conduct agree
That, in the modern sense of an old-fashioned word, he was a
saint,
For in everything he did he served the Greater Community.
Except for the War till the day he retired
He worked in a factory and never got fired,
But satisfied his employers, Fudge Motors Inc.
Yet he wasn't a scab or odd in his views,
For his Union reports that he paid his dues,
(Our report on his Union shows it was sound)
And our Social Psychology workers found
That he was popular with his mates and liked a drink.
The Press are convinced that he bought a paper every day
And that his reactions to advertisements were normal in every way.
Policies taken out in his name prove that he was fully insured,
And his Health-card shows he was once in hospital but left it cured.
Both Producers Research and High-Grade Living declare
He was fully sensible to the advantages of the Instalment Plan
And had everything necessary to the Modern Man,
A phonograph, a radio, a car and a frigidaire.
Our researchers into Public Opinion are content
That he held the proper opinions for the time of year;
When there was peace, he was for peace: when there was war, he went.
He was married and added five children to the population,
Which our Eugenist says was the right number for a parent of his
generation.
And our teachers report that he never interfered with their
education.
Was he free? Was he happy? The question is absurd:
Had anything been wrong, we should certainly have heard.

Ethiek en evolutie. Enerzijds ...


Wekelijks schrijven in het kader van het Darwinjaar 2009 wetenschappers, schrijvers en andere Nederlanders op verzoek van de Volkskrant een brief aan Charles Darwin (1809-1882).

Geachte heer Darwin,

Apen leiden doorgaans een idyllisch bestaan; hun dagen zijn gevuld met eten, vlooien en rusten, af en toe onderbroken door conflicten die al snel gesust worden. Soms echter slaat de vlam in de pan en zet een jonge volwassen man het oude alfa-mannetje af, wat met veel agressie gepaard kan gaan. Na het verslaan van zijn voorganger jaagt hij achter vrouwen met baby's aan. Als hij hun baby's te pakken krijgt, bijt hij ze dood. De vrouwtjes laten dit niet zomaar gebeuren, ze rennen weg en verdedigen hun kind. Het mannetje heeft echter maar een paar seconden nodig voor zijn beet, waarna zijn relatie met het vrouwtje verbetert en de rust weerkeert.

Heer Darwin, kan uw theorie ook infanticide bij apenmannetjes verklaren? Ook gedrag is onderhevig aan natuurlijke selectie. Er kwamen in de loop van de tijd evolutionaire verklaringen van gedrag, die u echter een slechte naam hebben bezorgd. Sociaal darwinisme beargumenteert dat elk geëvolueerd gedrag ‘natuurlijk' is en dus ‘goed', en daarmee moreel te verdedigen. Dit gaat echter voorbij aan een cruciaal punt in de evolutie: het selectief voordeel van de een kan ten koste gaan van een ander. Kan infanticide tot het natuurlijke gedragsrepertoire horen? En is er een evolutionaire verklaring voor?

Heer Darwin, bij alle soorten die door seks nakomelingen krijgen, concurreren seksegenoten om toegang tot de andere sekse. U veronderstelde dat deze seksuele selectie de verschillen tussen mannetjes en vrouwtjes verklaart. Hierbij concurreren mannetjes doorgaans om toegang tot vrouwtjes, en daarom hebben mannetjes vaak grotere wapens dan vrouwtjes, zoals geweien en hoektanden.Sarah Hrdy veronderstelde dat seksuele selectie ook infanticide bij apen kon verklaren, een theorie die indertijd flink wat wetenschappelijk stof deed opwaaien. Haar idee was dat infanticidale mannetjes meer nakomelingen konden krijgen dan mannetjes die geen baby's doodden.
Alternatieve verklaringen hielden geen stand, en na jaren van debat en nieuwe gegevens is de consensus dat infanticide seksueel geselecteerd is: mannetjes hebben er een reproductief voordeel bij. Apenvrouwtjes krijgen weinig kinderen in hun leven: doorgaans wordt er één baby geboren, die een lange zoogtijd heeft. Het zogen werkt als een anticonceptiemiddel, waardoor vrouwtjes niet opnieuw zwanger kunnen worden en ze hun energie kunnen richten op de baby, totdat deze zelfstandig is. De periode tussen twee geboorten is dan ook lang: bij chimpansees is dit zelfs vier jaar. Als een kind voortijdig doodgaat, wordt een vrouwtje weer vruchtbaar en kan ze snel weer zwanger worden, wat natuurlijk voordelig is. Infanticidale mannetjes maken hiervan misbruik: door een kind te doden is het vrouwtje sneller vruchtbaar, waardoor het mannetje zo snel mogelijk voor zijn eigen nageslacht kan zorgen. Ook voor vrouwtjes is flexibiliteit in het krijgen van kinderen van groot belang: anders zou ze vaak een te lang geboorte-interval hebben. Het is duidelijk dat een infanticidaal mannetje meer nakomelingen krijgt dan de man die niet zo is waarmee infanticide evolutionair verklaard kan worden.

Heeft een vrouwtje hier alleen maar nadelen bij of zijn er voor haar ook voordelen? Indirect heeft ze misschien wel voordelen, als haar zonen dezelfde infanticidale eigenschap hebben en daardoor relatief veel kinderen krijgen. Maar het is ook erg nadelig: ze heeft al veel geïnvesteerd in haar huidige kind, en diens dood is een groot verlies. Vrouwtjes verweren zich dan ook en verdedigen niet alleen hun kind, maar passen ook andere trucs toe. Zo paren vrouwtjes terwijl ze al zwanger zijn. Hierdoor geven ze het mannetje een vaderschapsillusie. Ze kunnen ook met meerdere mannetjes paren, waardoor alle mannen een vaderschapskans hebben en het kind ongemoeid laten vanwege de kans dat het hun eigen kind is.

Infanticide, voordelig voor enkelen, is dus voor andere soortgenoten nadelig. Ondanks de nadelen voor de meeste individuen levert infanticide sommige dieren in korte tijd zoveel voordeel op, dat het toch geselecteerd kan worden. Dit is de kracht en gruwelijke schoonheid van evolutie: ondanks de tegenwerking van velen kan een vervelend en egoïstisch gedrag bevoordeeld worden. Heer Darwin, de uitkomst van evolutie is dus niet altijd rechtvaardig of ethisch verantwoord volgens onze normen, maar dat had u wellicht ook al gedacht.

Hoogachtend,

Liesbeth Sterck, Utrecht

Geplaatst op 15-05-2009
Liesbeth Sterck is als primatoloog verbonden aan de Universiteit Utrecht. Dit is de vijftiende aflevering in een reeks hedendaagse brieven aan Charles Darwin. Volgende week: schrijver en bioloog Tijs Goldschmidt. Lezers kunnen hun eigen brief aan Darwin zenden naar kennis@volkskrant.nl ovv "brief aan Darwin".

Onderwijs


Het mooiste beroep
Geen carrière geeft zoveel voldoening als die van leraar in het algemeen (hoger) middelbaar onderwijs. Het gebrek aan (vooral financiële en maatschappelijke ) status wordt ruim gecompenseerd. Er is het intense contact met leerlingen van allerlei slag. Die moeten zich iets heel onnatuurlijks eigen maken: denken. Daarom kan de succesrijke leraar niets anders dan zich dagelijks oefenen in toegepaste hermeneutiek: hij opent de beperkte leefwereld van zijn pupillen naar de veel bredere ruimte van het abstracte redeneren en van de cultuurgeschiedenis. Allerlei wetenschappen dient hij te simplificeren en zo levendig te maken tot die voor de leerlingen bijna een ervaring worden. Dit vraagt een persoonlijke, geheel eigen presentatie van de relevante feiten in een context die kan boeien. Alsof de leraar zijn leerstof geheel uit zichzelf te berde brengt.

Bovendien is de school een vrijplaats, waar het verlangen naar promotie en de perfide carrièrezucht (die elders zo vaak de karakters corrumpeert en de persoonlijke ontwikkeling vervormt tot een slaafse gehoorzaamheid en niet veel meer dan angstvallig consensusdenken) vrijwel afwezig zijn. De leraar kan zich ongestoord overgeven aan zijn freischwebende Intelligenz. Naast zijn leerlingen dient hij niemand. Hij bekommert zich in de eerste plaats om een hoger, het meest fijnzinnige belang: de zaak van de geest. In en naast zijn onderwijsactiviteiten kan hij ongestoord een leven lang zorg dragen voor datgene wat een beschaafd mens zijn noblesse geeft: een al maar toenemend, veelgelaagd en meertakkig bewustzijn, waarin en waaruit hij zichzelf samenraapt tot een steeds meer op zichzelf steunend individu. Wie dit soort menselijkheid niet ambieert kan best kiezen voor een heel ander beroep.

woensdag 20 mei 2009

Cijfers


De Morgen (website), 20 mei 2009

Het Federaal Planbureau rekent op een terugval van de economie met 3,8 van het bruto binnenlands product (bbp) voor 2009. Daarmee is het samen met het IMF het meest pessimistisch in vergelijking met andere voorspellingen. Groei wordt pas opnieuw in 2011 verwacht. Ook de andere macro-economische cijfers die het analyseorgaan vandaag voorstelde met de "Economische Vooruitzichten 2009-2014", voorspellen weinig goeds de komende jaren. Zo zou er pas vanaf 2012 opnieuw een "aanzienlijke jobcreatie" zijn. Tot dan zou de werkloosheid zwaar stijgen met zo'n 200.000 nieuwe werklozen.

Het prestige van de wetenschap?


Het prestige van de wetenschap - De wetenschap is niet populair, de techniek is dat wel. Om aan wetenschap te doen moet je streng kunnen denken. Om technische producten te kopen hoef je alleen maar geld te hebben.

Geluk

Geluk - Het is niet voldoende gelukkig te zijn.

dinsdag 19 mei 2009

Kille wetenschap

Vaak denkt men dat het er erg kil toegaat in het wetenschappelijke denken: de natuur is onverschillig voor ons lot en de wetenschappelijke methode zet iedere betrokkenheid van de natuurlijke verschijnselen op het menselijke heil programmatisch tussen haakjes. Wetenschappelijke rapporten en verhandelingen lijken een toonbeeld van logica en objectiviteit, zonder enig teken van infra-rationele besmetting. Dan gaat het om de 'context of justification' (de presentatie van bevindigen achteraf, nadat bijvoorbeeld een inzicht werd verworven of een ontdekking gedaan). In 'the context of discovery' (de momenten dat er actief wordt gezocht en gevonden) gaat het er echter heel wat driftiger aan toe. Ook in het 'kille oord' van het exacte denken werkt de motor van onze emoties, de tranformator van onze verbeelding. Daarzonder zou onze rationele activiteit al vlug stilvallen.

Ook wetenschappers hebben geliefde ideeën waarmee ze opstaan en gaan slapen. Als ze gewaarworden dat die worden bedreigd komen ze onmiddellijk in het geweer. Soms zijn die belangrijke, met libido bezette ideeën hen meer nabij dan hun vrouw of hun kinderen. Ze maken deel uit van hun verruimde 'ik'. Ze organiseren hun ziel, hun blik op het bestaan en, hoe objectief ze ook lijken aan de buitenkant, ze kunnen zich ontwikkelen tot de zin van hun leven. Dit verschijnsel geeft wel eens aanleiding (vooal bij oudere, gevestigde geleerden) tot een zekere rigiditeit (in het ergste geval zelfs tot een cognitief dogmatisme, dat beweringen blijft vasthouden tegen veel evidentie en allerlei aanwijzingen in). Een voorbeeld van het eerste is de latere Einstein (in zijn langdurig verzet tegen bepaalde indeterministische opvattingen in de quantumfysica). Een voorbeeld van het tweede is A. Eddingtons leermeester in Cambridge, die zozeer een onbuigzaam Newtoniaan was, dat hij voor een tijd Einsteins werken uit de boekenrekken van de faculteit liet halen.