zaterdag 31 juli 2010

Het precieze gebruik (3161 - 3180)


Een verheldering van belangrijke begrippen met raadgevingen van de auteur voor hun juiste gebruik (3161 – 3180)
3161. de conservatieven (1): men is altijd iets uitermate belangrijks op het spoor als men vaststelt dat de conservatieven ertegen zijn.
3162. de conservatieven (2): al van in de negentiende eeuw fulmineerden allerlei conservatieven tegen het utilisme en de gelukscalculus van Bentham en zijn navolgers. De laatsten schreven aan de staat de taak toe zoveel mogelijk mensen gelukkig te maken (het vermijden van pijn, het bevorderen van het geluk). Voor een stuk was de conservatieve kritiek terecht omdat Bentham geluk definieerde als plezier en de afwezigheid van pijn, een (materialistische) verenging die werd gecorrigeerd door de jonge Mill. De conservatieven, die een vrijwel absolute ondernemersvrijheid verdedigden (het zogenaamde laisser faire), schermden zich niet zonder eigenbelang af van staatsinmenging, die hun lieve vrijheid (om de natuur en de anderen ten eigen bate te gebruiken) in de weg zou kunnen staan. Bovendien waren ze als de dood voor iedere theorie die het geluk van de massa’s predikte, omdat die dienden te werken en te lijden. Elke spiritualistische theorie, zoals het christelijke geloof, die gehoorzaamheid, de onvermijdelijkheid van het aardse tranendal en de troost van mooie, innerlijke ervaringen aanbood, kon op hun steun rekenen, als er maar geen sociaal protest van kwam. Terwijl deze superheren dure sigaren rookten in hun met marmer beklede billiard rooms plakten zij op Benthams leer als spoedig het etiket van een vuig materialisme. Tot op de dag van vandaag zijn de tegenstanders van het utilisme ofwel spiritualisten ofwel egoïsten, die niet bereid zijn te delen met anderen. De vraag is in hoeverre de eersten – bewust of onbewust - de zaak van de tweeden dienen.
3163. menselijke ambivalentie (1): Frans de Waal (apenonderzoeker): “Ik zie de mens als de meest bipolaire aap: we verenigen het gewelddadige van de chimpansee met het vredelievende van de bonobo.”
3164. menselijke ambivantie (2): dezelfde Frans in Vrij Nederland: “De op het been van het sociaal-darwinisme hinkende Republikeinen zweren bij het evolutionaire jargon (het recht van de sterkste), dat zelfverrijking rechtvaardigt. Maar inmiddels heeft iedereen gezien dat ongeremde concurrentie en zelfzucht leiden tot excessen en crisis. Ik wil aantonen dat mensen net zo goed tot het goede als tot het kwade geneigd zijn. In een gezonde samenleving heb je naast concurrentie ook samenwerking en empathie nodig. En ik ben niet de enige die daar in gelooft. President Obama spreekt graag over empathie en ook het debat over de gezondheidszorg gaat over solidariteit. Hebzucht is uit, empathie is in.”
3165. absurd: Hitler, een kleine mannetje met donker haar en donkere ogen, kon zeggen dat het blonde ras superieur is. De amechtige doctor Goebbels had een horrelvoet. Eenmaal onder invloed van hun primaire driften (bijvoorbeeld het wij- en zijgevoel) slikken de mensen alles.
3166. het stervende spiritualisme: de menswetenschappen, vooral de filosofie en de psychologie, zijn voortgekomen uit de christelijke theologie, hoewel hun beoefenaren dat vaak niet (meer) beseffen. En dus verheffen zij de mens boven het dier en kunnen zij niet verkroppen dat we zo op elkaar lijken. Ook evolutionair geïnspireerde rationalisten, die het (zuivere, alles reddende) verstand zo koninklijk op de troon zetten, lijden aan hetzelfde syndroom, terwijl ze, juist omdat ze van de evolutie op de hoogte zijn, als geen ander dienen te beseffen dat de menselijke ratio zo zijn beperkingen heeft.
3167. beleefdheid is niet oppervlakkig: ik word liever omringd door oppervlakkige mensen die aardig zijn, dan door onbeschofte individuen met diepgang.
3168. de laatste neologismen: de kooknachtmerrie in de media; de locomotief van Morkhoven (Jürgen Van Den Broeck); een straathond, geen stilistische kannibaal (idem); een woord als een drol, dat in ieder geval heel minderwaardig van de stoep is (over een uitspraak van Pieter De Crem); de nationale feestdag vol militair gedoe, na zo’n treurige reumadag kan niemand nog zijn vrouw zoenen; Xavier de Donnea, ook zo’n excellentie met de onherbergzaamheid van een bevlagde galg; hij werd geboren met artistieke antennes en toch werd hij een hoge militaire piet (Willy Claes); André Flahaut, al had hij de warmte van bourgognewalmen, zijn commando’s leken altijd onderweg naar een bal populaire; met ogen zo eerlijk als een bisschoppelijke leugen.
3169; archeologisch bijbelonderzoek: men mag niet met de bijbel in de hand proberen archeologische vondsten te duiden. Men dient omgekeerd te werk gaan: men kan de archeologie de bijbel laten ontkrachten of bevestigen en vaak is dan het eerste het geval.

3170. het gevaar van het populisme: wanneer je mensen een emotionele, imaginaire en cognitieve rattenval indrijft zullen ze zich ook als ratten gedragen.
3171. de Belgische préformatie (1): Di Rupo probeerde zopas een hele week spijkers met koppen te slaan, maar de koppen waren koppig.
3172. de (kleinburgerlijke) Belgische préformatie (2): de welbetaalde dames en heren politici hebben nu een week intens gewerkt. Nu hebben ze dringend nood aan een weekje of twee vakantie, uiteraard, zoals het Belgen betaamt, in Frankrijk. En volgens een lezersondervraging in een krant keurt een (smalle) meerderheid van de landgenoten dit goed. Ook dat is uitermate kleinburgerlijk.
3173. een weetje: tijdens de tweede Golfoorlog werd 1.700 ton uranium gebruikt. Dit veroorzaakte een enorme genetische schade onder de bevolking.
3174. voorbeeldige TV: de VPRO begin verleden zondag weer aan de serie Zomergasten. De gast van de eerste aflevering was de Nederlandse politicus en supersocialist Jan Marijnissen. Drie uur lang een elektrificerend, uiterst leerrijk gesprek tussen een interviewer en een interviewee aan de hand van film- en televisiefragmenten, boeken en uitspraken van voorheen. Het kost niets, het is goddelijk en het is nooit aanwezig op de VRT. Daar kan het niet flitsend en hijgerig genoeg zijn. De VRT laat de kijker in de streek, die, via langzame en diepgravende (maar daarom niet persé academische) programma’s, het contact met het hogere moet kunnen realiseren. De VRT geeft daarom blijk van een maatschappelijk je m’en foutisme. De nieuwe grote baas is welzeker een vrouw, maar op dit terrein verwacht ik niet al te veel van haar, gehersenspoeld als ze is door de perfide managementskunsten en de buiteling van de cijfers. Zoals Hugo Camps het zegt in De Morgen: “Weinig pedagogisch comfort. Het wordt weer het hele jaar Vive le Vélo, knipoogtelevisie, met de diepgang van een platte tube”.
3175. de stresstest van de banken: veel stress, weinig test.
3176. de oorlog in Afghanistan: moorden en zwijgen, méér verdelgen en nog harder liegen, verliezen en luid roepen dat er vooruitgang is, schieten naar het Oosten en propaganda naar het Westen. En Obama verliest er zijn eer mee.
3177. advies: zeg altijd dat plan A moet lukken omdat er geen plan B is.
3178. de afgang van links: Freddy Willockx: “Het kan niet dat dezelfde mensen die voor onze partij drie verkiezingen op rij hebben verloren nu de vierde poging mogen voorbereiden.”
3179. opmerkelijk materialistisch: de gedetineerden in de Vlaamse gevangenissen hebben volgens een recente studie het meest behoefte aan toiletdeuren in hun cel. Zo’n vaststelling schokt heel zeker het fijnbesnaarde zieltje van verstokte spiritualisten.
3180. troost voor de spiritualisten: enkele weken geleden ondervroeg de Brusselse federale politie een van de stichtende leden van de Oecumenische Werkgroep Pedofilie. Deze organisatie hield tussen 1981 en 1985 met steun van Kerk & Leven een aantal infosessies om seks met minderjarigen te promoten bij ouders. Eén van de verantwoordelijken was Jef Barzin, tegenwoordig deken in Antwerpen.

woensdag 28 juli 2010

Het precieze gebruik (3141 - 3160)


Een verheldering van belangrijke begrippen met raadgevingen van de auteur voor hun juiste gebruik (3141 – 3160)
3141. de negentiende eeuw: tot het einde van die periode sliepen bedienden vaak nog letterlijk aan het voeteneinde van hun broodheer. Britse landschapsarchitecten sloopten regelmatig hele dorpen om een mooi uitzicht voor hun superrijke opdrachtgever te creëren.
3142. het scepticisme: ondanks zijn pretdrukkende reputatie is het vaak een zegen voor het denken. Het kan fungeren als methodische twijfel, als een antidotum tegen dogmatisme, orthodoxie en fundamentalisme. Het is ook heilzaam om een moderne neiging de kop in te drukken: de tendens om alles in het leven vanuit één oorzaak te verklaren. Bijvoorbeeld dat alles in de genen zit, dat alles in de natuur van de mens is voorgeprogrammeerd zodat opvoeding er niet veel meer aan kan veranderen.
3143. Neem me zoals ik ben!: Marente de Moor in Vrij Nederland: “Dit gebod getuigt van een goddelijke eigendunk. Want geen mens is klaar, af en dat is maar goed zo. Ik mag toch hopen dat ik vandaag een ander ben dan gisteren, of toch een ander dan een jaar geleden. Dat houdt het leven spannend. Ik hoop dat ik geen voldongen feit ben, maar dat iets me beïnvloedt, mensen, dieren, een bos voor mijn part. En dat ik mezelf soms tegenspreek. Pin me dus niet op deze woorden vast.”
3144. natuurliefhebbers: bijna verliefd kijken ze in de diepte van een veld, een bos, een weidelandschap, niet wetend dat voor hun ogen zich een onheilspellend, hoogst onverschillig universum ontrolt.
3145. het populisme: let op, als je niet weet wie Wesly Sneijder is, wat voor een wezen Marco Borsato, als je soms door een beschaafde krant bladert: pak je biezen, jij bent duidelijk een lid van de elite!
3146. een champagnedrinkende dame: ze had het leven omarmd maar kreeg toch nooit het gevoel dat het helemaal wederzijds was.
3147. mythes: het WK, de Tour, de verkiezingen … niemand die zijn ogen open houdt kan er onderuit: de mythes zijn levendiger dan ooit en dus even noodzakelijk als voorheen. En die noodzaak stoelt op de vele gebreken en op het vervelende, alledaagse, weinig heroïsche karakter van het bestaan. Mythes zijn collectieve uitvergrotingen, door generaties aangebrachte verflagen, schmink, felle rouge op de bleke wangen van het leven.
3148. de politiek als een ritueel: de politici doen het in hun broek: het volk mort, hun financiële en grootindustriële broodheren morren nog meer en bovendien is het geld, dat universele glijmiddel voor iedere pacificatie, totaal opgesoupeerd. Wat is dan de oplossing? Dat de staat een stap achteruit doet, dat hij terugtreedt. De politici wijzen het volk op hun plichten (niet alleen rechten!), op de noodzaak te besparen, op het belang van normen en waarden en op de nieuwe nood aan responsabilering van individuen en groepen (bijvoorbeeld de hogere inschrijvingsgelden aan de universiteit of de aparte geldenvelopes voor iedere school). Terwijl de hoogste gezagsdragers zich op die wijze drukken rijst de vraag of de politiek nog iets anders is dan een symbolisch ankerpunt van de macht, een goed georkestreerd gezichtsbedrog, een ritueel dat slechts met magische woorden en gebaren weerwerk biedt aan de botsing van de belangengroepen. Zie: ritueel.
3149. links is dood: het is een misvatting dat de linke zaak dood is of irrelevant, hoewel heel duidelijk blijkt dat steeds meer mensen in heel Europa stemmen op rechts. Wie nadenkt weet dat men het oneens kan zijn over de methoden, maar niet over de grote doelen van de sociaal-democratie. Een gestudeerd iemand, die zonder druk van buiten uit de rechtse vlag zwaait, is een culturele, een historische en vooral een morele anomalie.
3150. waarom ik (om evolutionaire redenen) een sociaal-democraat ben: zopas las ik het zeer interessante boek Driven van Paul R. Lawrence en Nitin Nohria (San Francisco, 2002, met een voorwoord van E.O. Wilson, zie mijn Literatuurlijst). Daarin komen zij tot de conclusie dat de menselijke natuur evolutionair uit vier aparte, onderling onafhankelijke driftapparaten is samengesteld, die via de emoties aan het cognitieve apparaat zijn gekoppeld. Het gaat om de drift om te bezitten (D1), om je bezit (in zeer ruime zin) te verdedigen (D4), om je zelf aan personen, dingen en toestanden te binden (D2) en om te leren (D3). Deze driften kunnen met elkaar interfereren en het elkaar moeilijk maken, waardoor, tussen haakjes, de centrale bewering van de Engelse filosoof Isaiah Berlin (dat de menselijke doelen nooit helemaal met elkaar te verzoenen zijn) van evolutionaire zijde steun krijgt. Die driften zijn in het brein verankerd tezamen met een aantal daarbij passende vaardigheden, die evenzeer via aparte breinmodules van generatie op generatie worden doorgegeven. D1 en D4 zijn de oudste. D2 en D3 wonnen later aan kracht tijdens The Great Leap, toen de mens pas echt zijn typerende kenmerken verkreeg en daardoor kon beginnen aan de veel snellere, culturele revolutie. In een rechtse politiek (het geliefde speelterrein van de neoliberale homo economicus) leven vooral D1 en D3 zich uit en krijgen D3 en D4 in de eerste plaats een instrumentele functie om bezit te veroveren en te bestendigen. Wie door infantiele reclametechnieken, de ontspanningsindustrie, de beïnvloeding van het algemene discours, censuur, steun aan illusoire systemen van allerlei aard of door een geplande verlaging van de kritische zin het denken obstrueert (D3) en de solidariteit (D2) minimaliseert verdierlijkt de mens. Wie de schaarste propageert (besparingen, privatiseringen, ontslagen, financiële debâcles, flexibilisering, loonsverlagingen, afbouw van de verzorgingsstaat) doet automatisch D1 en D3 in kracht toenemen en staat de ontwikkeling van die mens voor een flink stuk in de weg.
3151. de neoliberaal: de homo economicus met een extra roephoorn, de ongelooflijk sexy bedgenote van zowel alle Europese politici, de ideoloog van de zware portefeuilles, hét model van de clericale pedofielen: hoe ze zich met de zilveren glans van hun status, met hun technische newspeak en met hun gelakte maniertjes zuiveren van iedere blaam.
3152. het ritueel: een rituele handeling is een handeling die een voorstelling geeft van alles wat we waardevol vinden in het domein van het onbegrijpelijke en het onbeheersbare, zoals de dood en de geboorte. Het ritueel is symbolisch van aard, een symbolische handeling die in de plaats komt van effectieve actie, vooral omdat er op het betrokken terrein weinig tastbaars te vinden is om aan te pakken en omdat we die dimensie niet met ons verstand in de greep kunnen krijgen. Omdat de politiek (bijvoorbeeld verkiezingen of de wetgeving) tot concrete resultaten leidt is zij veel meer dan een ritueel. Naarmate ze echter ineffectiever wordt groeit haar ritueel karakter.
3153. een regering van experten: de roep naar een bestuur van experten wortelt in de oude overtuiging dat het volk toch geen gelijk kan hebben, of hooguit bij toeval, aangezien het volk te dom is om een zuiver oordeel te vellen. Het is het aloude bezwaar tegen de democratie: zoiets belangrijks als het landsbestuur zou je eigenlijk niet aan gewone mensen mogen overlaten.
3154. filosofie: de Franse filosoof Pierre Hadot (zopas op 88-jarige leeftijd overleden): “Van oudsher vormt de filosofie het hart van het menselijk bestaan, in de vorm van een houding van waakzaamheid die permanent en identiek met het leven is”.
3155. het eeuwige leven (1): in Niemand is onsterfelijk (1946) laat Simone de Beauvour de Italiaanse edelman Fosca een elixir drinken dat hem het eeuwige leven schenkt. Maar na de zoveelste liefde, de zoveelste onderneming, verliest iedere ervaring zijn betekenis. De lichtheid, die de eeuwigheid met zich meebrengt, is een vloek. Zonder de dood verdwijnt iedere passie om in het hier en nu te leven.
3156. het eeuwige leven (2): in De ondraaglijke lichtheid van het bestaan (1984) van Milan Kundera zegt Tomas: “Einmal is keinmal!”.
3157. zelfverandering: de meeste geloven dat ze willen veranderen, maar slechts weinigen willen dat ook. De hardnekkigheid van ons zelfgevoel kan nauwelijks worden overschat. Want wie daadwerkelijk verandert, zet op het spel wat voor hem het meest nabij en het belangrijkste is: zijn identiteit
3158. werkloosheid: werkloosheid maakt ongelukkig, maar werken ook.
3159. de lotuseters: op zijn thuisreis ontmoet Odysseus de lotuseters. Die verorberen een soort dadel die het geheugen wist. Drie van zijn reisgenoten nemen die, waarna ze met een stompzinnige grijns op hun gelaat rondlopen. Glimlachend, maar zonder verlangen om verder te reizen. Voor wie het leven tegenzit heeft deze geestestoestand iets aantrekkelijks. Geen wonder dat soortgelijke dadels in onze cultuur in talloze varianten van de boom vallen.
3160. de functie van de filosoof: een schoonmaakster kan je inhuren om je huis te doen glanzen van netheid, maar een filosoof kan je niet betalen om te denken in jouw plaats.

zondag 25 juli 2010

Het precieze gebruik (3121 - 3140)


Een verheldering van belangrijke begrippen met raadgevingen van de auteur voor hun juiste gebruik (3121 – 3140)
3121. de laatste neologismen: wij hadden vroeger thuis een Duitse staander, al van pup af aan; een kletsforum (in Libelle); ons Geertje (Geert Wilders in hetzelfde bedenkelijke damestijdschrift); een vingertik van Boven; de site KamerTweets (in Nederland dé plek om te twitteren met Kamerleden); een twitterpauze (van politici tijdens de formatieperiode); de moraal van de Tourrenners (bedoeld is het moreel, want van moraal is daar wegens de grote financiële belangen, de doping, de sportiviteit in het teken van het eigenbelang en de vele frauduleuze afspraakjes geen sprake); de condor van Varsseveld (Robert Gesink); de agri-bobo’s (bij ons vertegenwoordigd door de Boerenbond); de vogelfabriek (huis van lichte zeden); ik lees boeken, zij kijkt TV: dat bijt elkaar niet; een dickensiaanse breedsprakerigheid; die journalist gaat te werk met een onbekrompen grondigheid; beroeps- en deeltijd-sceptici; de auteur slaat vele zijpaden in in het toch al dichte feitenbos.
3122. het belang van het discours (1): in het tijdschrift Libelle (Nederlandse editie) krijg je al snel een beeld van de gemiddelde vrouw: blank, niet al te hoog opgeleid, tussen de veertig en de zestig haar, woonachtig op het platteland, tamelijk welgesteld en beschikkend over veel vrije tijd. Buitenlanders krijgen er tegenwoordig de schuld van zowat alles. Het orakel van Venlo heet er ‘ons Geertje’. En deze nijvere vrijetijdswezens hebben allen een afkeer van vooral linkse politici. Vroeg of laat lopen carrièrevrouwen tegen een glazen plafond, maar blijkbaar leven de thuisblijvenden in een kelderverdieping, onder een betonnen vloer, waar de rabiaatse rattentaal en de instinctieve impulsen van allerlei ongedierte erin slagen hun invloed te laten gelden.
3123. het belang van het discours (2): gidsland Nederland, dit destijds progressieve land, dat ik om zijn vrijmoedigheid zo intens benijdde, werd onlangs op de vingers getikt door de Raad van Europa vanwege zijn weinig zachtzinnige vreemdelingenbeleid. Het zette honderden kinderen van uitgeprocedeerde asielzoekers op straat, omdat hun ouders geen recht meer hadden op kinderopvang. Dat heeft de Raad de vorige jaren al vaker gedaan, zoals ook al het Europees Comité ter Voorkoming van Foltering, Amnesty International en Human Rights Watch al eens hun bezorgdheid over dat beleid hebben uitgesproken. De media besteedden daarbij alle aandacht aan onschuldig komkommernieuws: boktorren, blauwalgen, eikenprocessierupsen en de miraculeuze ontsnapping van Humboldtpinguïns in de dierentuin van Emmen. En dat zit ons Geertje nog niet eens in de regering!
3124. filosofie: zegt niet veel meer dan de alledaagse gemeenpraat, maar heeft er alleen een grotere hoeveelheid woorden voor nodig.

3125. de weer eens bezopen dronkaard: zijn diepste verlangen is het bijtanken op water.
3126. de reclame: welgekomen, mooi en effectief was het maanlandschap op de geschramde ellebogen van Lance Armstrong.
3127. the survival of the fittest: Djengis Khan en zijn zonen excelleerden niet alleen op militair, maar ook op seksueel gebied. De oudste zoon had veertig zonen, zijn kleinzoon had er tweeëntwintig. De Khanmannen onderhielden ook grote harems, die elk jaar met tientallen frisse maagden werden aangevuld. Bovendien stonden ze voor in de rij als de prooi werd verdeeld. Veroverde vrouwen waren oorlogsbuit, verkrachting was de beloning van strijders. Geen wonder dat Djengis Khan wel dé alfaman wordt genoemd. Er is geen historische persoon die zo nadrukkelijk zijn genetische sporen heeft nagelaten.

3128. de intellectueel: noemt zijn hond Erasmus en zijn kat Mendelsohn.
3129. bekend zijn: behoren tot een zichtbare minderheid; jezelf omtoveren tot een plaatje waarop iedereen ongegeneerd zijn vooringenomen ideeën, zijn passies en zijn geliefde fantasma’s projecteert.
3130. de kleine mens (1): ergens lang blijven, een zeer sterke nabijheid heeft een diepe emotionele impact op ons denken.
3131. de kleine mens (2): er zijn nog altijd mensen die niet beseffen hoe verbeelding en verstand, gevoel en ratio in ons denken een gelijkwaardige rol spelen, door elkaar lopen, elkaar van kleur doen verschieten. Zelfs de ondertussen algemeen bekende bevindingen van neurologen weerhouden er de superrationalisten niet van te blijven insisteren op een volstrekt zuivere rede.
3132. de kleine mens (3): het leven is zo kort. Waarom zouden me minder van het leven maken? In cynisme en wreedheid ontkennen we het. Mensen zeggen dat ze vrolijke optimisten te zijn, maar ze zijn het op een kunstmatige, arrogante manier. De échte lach is altijd gematigd, bescheiden en twijfelt op zijn minst een beetje aan zijn eigen recht.
3133. onze tijd: hoe leven we met wijsheid als de leraar verdwenen is?
3134. de verschrikking: ben je eenmaal met geweld in aanraking gekomen (in het echt of door inleving) dan krijg je metgezellen die je altijd blijven achtervolgen. Verjagen helpt niet. Je raakt je vanzelfsprekende glimlach kwijt, je naïviteit die alles aantrekkingskracht gaf. En zo is het ook gesteld met het ongeremde, durvende denken. En daarom zijn zowel een gespeelde oppervlakkigheid als een kleine portie van heel alledaags optimisme noodzakelijke illusies.
3135. redelijkheid: soms wordt een mens moe van al die redelijkheid. Je bent dan aan het opdrogen. Verbeeldingskracht en kleine operaties in het alledaagse leven doen dan wonderen: ik droom van een volmaakt uitgewerkte en scherp verwoorde gedachte, ik leg meer dan anders een hand op iemands schouder, ik probeer iedere dag tegen een naaste iets positiefs te zeggen.
3136. de nood aan een façade: ik heb een bejaarde buurvrouw van wie de zoon zopas aan een langdurige en pijnlijke kanker is overleden. Als zij met haar treurende echtgenoot naar een feestje moet, spreekt ze hem moed in: ‘Kom, beste man, laten we ons masker nog een keer opzetten.”
3137. denken in antithesen: als geen ander besef ik hoe samengesteld, gelaagd en complex de menselijke aangelegenheden zijn. Toch hou ik niet van denkers die de dialectiek hoog in het vaandel voeren (Hegel, Marx) of die van de paradox en de tegenspraak hun handelsmerk hebben gemaakt (Nietzsche, vele postmodernisten). Geen wonder dat ze misbegrepen worden of door allerlei rattenvangers misbruikt. Wie er prijs op stelt dat zijn gedachten een duidelijke publieke echo krijgen moet een min of meer precieze positie kiezen: wat voor hem het meest waar is moet hij presenteren als de (voorlopige) waarheid. Omdat er ondertussen moet worden geleefd kan men niet wachten op een komende tijd, waarin de Wetenschap de wereld voor eens en voor altijd heeft ontrafeld.
3138. het belang van het discours (3): we denken in categorieën, waarvan een flink deel door de eigen tijd en de situatie wordt aangeleverd. Die onderscheidingen sterven niet al te vlug af, ook als ze ondertussen hun onmiddellijke relevantie zijn kwijtgeraakt. Zo lees ik in Vrij Nederland het verhaal van een Zuidafrikaanse zwarte politieman die zich boos maakte op een blanke journaliste, die – geheel uit vrije wil - op de achterbank van een jeep had plaatsgenomen. Dat is de plaats die vroeger voor de zwarte, vrouwelijke bediendes was voorbestemd. De politieman vond haar keuze beledigend, want die plaats was voor hem een geuzenplaats, een oord van vernedering dat niet door een blanke mocht worden ontheiligd. Al wisselden hier de daarmee verbonden gevoelswaarden, toch bleven de oude categorieën van kracht.
3139. het geluk is het doel van het leven: een dokter zegt tegen je: “Deze pil wist je geheugen. Je vergeet al je ellende en al je verlies. Maar je vergeet ook je hele verleden.” De vraag is of je die pil zou nemen. Een nog belangrijkere kwestie is: als je ze niet neemt, waarom dan niet.
3140. de kleine mens (4): de Canadese romanschrijver Yann Martel: “Ik haal nog eens Geert Wilders aan. Waarom krijgt iemand, die een neofascistische bureaucratie predikt (de helmboswuivende Witte wil mensen op grond van hun etniciteit laten registreren) en oproept tot verdergaande controle, zoveel stemmen? Ongetwijfeld heeft dat te maken met een laag zelfbeeld. Mensen en een maatschappij met een bedreigd zelfbeeld scheppen genoegen in eenvoudige oplossingen. Ze leggen de schuld voor hun problemen altijd bij de ander. Niets is makkelijker dan te eisen: ‘Verdwijn, verdwijn’. En te denken dat daarmee alle problemen worden opgelost. Het waren lage culturen die dachten dat ze van alle onheil verlost waren als ze een zondebok de woestijn instuurden.”

zaterdag 24 juli 2010

Het precieze gebruik (3101 - 3120)


Een verheldering van belangrijke begrippen met raadgevingen van de auteur voor hun juiste gebruik (3101 – 3120)
3101. de groten van deze wereld: de groten lijken alleen groot omdat wij al vooraf op onze knieën zitten.
3102. zeven parlementsleden: zeven leden van het Belgische parlement organiseren een tocht naar Scherpenheuvel om de onbevlekte priesters en de zuivere leken in de kerk te eren. Niemand mag voor hen de neus ophalen omdat sommige roomsgeboorde ambtsdragers daar een spermageur verspreiden. Het is echter te vroeg voor zulke acties: indien de kerk niet in het publiek en langdurig het boetekleed aantrekt, overgaat tot substantiële herstelbetalingen en ernstige structuurwijzigingen doorvoert dient men ze uit te drijven als een kwalijke ziekte. De vijanden van het goede leven kastijden is een onmisbare vorm van liefde die de Vlaming slechts met tegenzin beoefent. Blijkbaar is het alleen maar zijn historisch lot te knielen. Ondertussen zingt aartsbisschop Léonard in Brussel plechtig (alsof er in de kerk niets aan de hand is) zijn eerste Te Deum, daarmee zijn instituut alweer legitimerend met de tekenen van de staat en de staat met de goddelijke almacht. Opdat het eeuwenoude knielen doorgaat.
3102. de meest angstaanjagende zin uit de negentiende eeuw: veel meer nog dan de eerste alinea uit Het Communistische Manifest van Marx en Engels (“Een spook waart door Europa … ”) is de eerste zin van Max Stirners boek Der Einzige und sein Eigenthum onrustwekkend. Ik citeer uit de Engelse vertaling: "What is not supposed to be my concern, first and foremost, the good cause, then God's cause, the cause of mankind, of truth, of freedom, of humanity, of justice, further, the cause of my people, my prince, my fatherland. Finally even the cause of mind and a thousand other causes.”
3103. filosofische dwaasheden: “Ik rook, dus ik besta!” is even dom als “Ik denk, dus ik besta!”.
3104. strenge gewetens: alle gewetens zijn conservatief. Ze vallen in onze ziel op een moment dat we amper kunnen spreken en de vorige generatie alle macht over ons heeft. Zo droeg destijds iedere Pruis vanaf zijn geboorte een gendarme in zijn borst en iedere Vlaming een pastoor. De Pruis heeft ondertussen zijn geweten bijgesteld.
3105. rijkdom: de rijken zijn rijk omdat de armen niet in staat zijn hun eigen belang te begrijpen. Wie de redenen begint te vatten waarom de laatsten een politieke stem uitbrengen op hun folteraars begrijpt de mens.
3106. waarom ik geen katholiek ben: gedoopten worden hierboven strenger beoordeeld dan ongedoopten, want de laatsten weten niet beter.
3107. geluk: alléén in een café, met een sigaar voor een boek en een dampende kop koffie. Als je samenvalt met jezelf, zoemend, ronkend, zwanger van allerlei perspectieven. Als je vredig opgaat in je status van malcontente eenling, tegen de consensus, tegen het algemeen gezemel.
3108. Chomsky: bij het lezen van deze scherpzinnige auteur krijg ik het idee hoe onvrij de vrije wereld is. Hoe geïndoctrineerd.
3109. Dante: welke eigentijdse helden zou ik plaatsen in de diepere lagen van de hel, zoals Dante het deed in De Goddelijke Komedie? Misschien de professionele voetballers, de beroepswielrenners en zeker de buikige mediacommentatoren die teren op hun prestaties, terwijl ze de waarde van die lichamelijke esbattementen tot hun eigen heil overschatten en de kwalijk riekende financiële onderbouw, waarop dat atletische wereldje stoelt, legitimeren, verdonkeremanen of van zijn scherpte ontdoen.
3110. porno: al ben ik een Italiaan, ik zou niet elke dag lasagne kunnen eten.
3111. voetbal (1): het is tenslotte allemaal onzin, maar een voetbalwedstrijd laat zich makkelijk volladen met symboliek, met diepere betekenissen, met tradities en historische lijnen, met associaties en parallellen, met visioenen van geluk en ondergang. Tijdens een wedstrijd is niets zo interessant als de innerlijke dribbelpasjes van een zeer betrokken toeschouwer. Geen midvoor kan daaraan tippen.
3112. voetbal (2): omdat de bol rond is en slechts met de voeten mag worden aangeraakt is hij uiterst moeilijk controleerbaar. De onverklaarbare vreugde bij het scoren van een schitterend doelpunt is het gevolg van een zelden bevredigd, maar zeer fundamenteel menselijk verlangen: de wens het snelwisselende lot, de onbedwingbare contingentie op zijn minst voor één ogenblik de baas te worden.
3113. een bergrit in de Tour: alles is ingewikkeld, de meeste dingen en toestanden gelaagd en samengesteld. Als de eerste op een bergtop aankomen lijkt daarentegen simpel: het beste lijf wint. En deze mooie illusie willen de mensen niet kwijt, want het is vrijwel de laatste die ze hebben.
3114. de laatste neologismen: een droogkloterige notarisklerk; de homo zappens.
3115. de zwakke democratie: de evolutie heeft de mens uitgerust om te overleven, niet om gelukkig te worden. Omdat zij ruimte biedt aan de vrijheid van de eenling is de democratie zwak. Maar het is niet de taak van de democratie om sterk te zijn.
3116. een reden voor het populisme: de arbeidssocioloog Richard Sennett heeft in zijn boek The Corrosion of Character ooit beschreven hoe het karakter van mensen wordt aangetast door de instabiliteit van hun loopbaan. Wat betekent het bijvoorbeeld voor werknemers dat hun toekomst onzeker wordt door flexibilisering? Als bedrijven zich voortdurend verplaatsen, of fuseren en weer in delen uiteenvallen en hun werknemers ontslaan? De huidige, snelle wereld biedt weinig aanknopingspunten om betrokken te blijven bij de werkgemeenschap en je leven tot een begrijpelijk verhaal te maken. Zo’n verhaal, een persoonlijke biografie, waarop je zelf invloed hebt, is wel hard nodig voor de vorming van je karakter. Want verhalen, zegt Sennett, zijn meer dan een aaneenschakeling van gebeurtenissen: ze bieden structuur, laten je zien hoe je beweegt door de tijd, geven redenen aan waarom de dingen gebeuren, ze laten de gevolgen zien van je handelen. De verhouding, die je met anderen hebt, en het beeld, dat je hebt van jezelf, liggen ingebed in dat verhaal. En wat voor het individu geldt, geldt ook voor de gemeenschap. Er is een collectief verhaal en een gedeeld lot nodig voor betrokkenheid en vertrouwen.
3117. lasagne: dit Italiaans gerecht is een geschikte metafoor voor onze identiteit. Niemand weet wat identiteit is, maar zeker is het wel dat ze gelaagd is. Wat in dit beeld ontbreekt is dat de lagen ingenieus op elkaar inwerken.
3118. de morele wet: het probleem met de morele wet is dat zij geen tastbaar feit is zoals een steen, een onweer of een politieagent. Een feit kan iets veroorzaken en wordt zelf veroorzaakt. Omdat het wetenschappelijke denken in onze tijd een uitermate hoog prestige heeft is het makkelijk onze omgang met niet-feiten voor te stellen als onwetenschappelijk, ongefundeerd en zelfs overbodig. In de menswetenschappen gaat het vaak over dergelijke niet-feiten of quasi-feiten (zoals schroom, de ziel, civil society, God, nationalisme of de democratie). Het morele heeft zeker zijn grond in onze evolutie (‘the drive to bond with others’) maar lijkt in de praktijk zo zwak dat andere, ook evolutionaire bepaalde driften (‘the drive to acquire or to defend’) makkelijk de bovenhand halen. In het gewone leven moet een weldenkend mens desondanks aan het quasi-feit van de moraal een ruime plaats toekennen: de vraag naar de rechtvaardigheid en naar de (menselijke) waarheid dient daar even belangrijk te zijn als die naar bijvoorbeeld het succes of het geluk.
3119. de vraag naar een algemene mentaliteitswijziging: even zinloos als onze planeet verzoeken eindelijk een vierkant te worden.
3120. vlucht uit de vrijheid: omdat verantwoordelijkheid onaangenaam is maken de mensen gebruik van de grofste vluchtwegen om eraan te ontsnappen. Een daarvan is de ontkenning van iedere logische of feitelijke fundering van het om even welk moreel project. Je kan bij een idealistisch voorstel je schouders ophalen en vragen: ‘Moet dat wel zo? Wie zegt dat? Kan dat wel? Is dat wel de moeite waard?”. Dit zijn de postmodernistische foertzeggers, de straatnihilisten, de café-anarchisten, waaraan onze wereld zo rijk is. Maar goedheid, rechtvaardigheid en inzet hebben geen strikt logische of cognitieve grond. Ze berusten op een karakteriële keuze, waarin men heeft besloten ook ruimte te bieden aan het goede, het ware en het waardevolle.

vrijdag 23 juli 2010

Nietzsches gaarkeuken


In de werkkeuken van Nietzsche (1) - Het is altijd een beetje unfair eens rond te snuffelen in de verborgen ontstaansgeschiedenis van filosofische ideeën. In zijn publicaties zie je de filosoof on stage: aangekleed, geschminkt, het haar netjes gekamd en goed lettend op zijn dictie en woordkeuze. Dagen, weken, maanden heeft hij met grote moeite zijn gedachten uitgezift, bijgevijld, hun volgorde overwogen en ze uiteindelijk in een samenhangend betoog ingepast. Als hij ze eenmaal definitief heeft geformuleerd verdwijnt de oorspronkelijke, met vreemdsoortige meststoffen verrijkte humus ónder zijn gedachten, waarin ze ontkiemden, omhoogschoten en na een tijdje de ongewoonste en kleurrijkste bloemen gingen dragen. Ik zou wel eens de redenen willen kennen voor de gulzigheid waarmee hij zich voortdurend met gevaarlijke begrippen volvrat, waarom hij ze verteerde tot ze een deel werden van zijn lijf en de vitale kern van zijn geest, waarom hij zich maar bleef opwinden over opvattingen waarnaar niemand had gevraagd.
In die probeertijd was de filosoof off stage. Toen waren de motieven van zijn denkwerk niet zo zuiver, niet zo van Beschaving en Bildung bevangen en zeker niet van allerlei kleine, maar zich altijd opdringende filosofenbehoeftes losgesneden als het lijkt in zijn latere werk. Eén van die behoeftes is de nood aan een thema, een onderwerp. Wie met succes wil publiceren moet een tekst maken en liefst een die inslaat, die vonkt van verrassende nieuwigheden, een tekst die knettert van durf, die het gevestigde denken dwarszit waar het maar kan en vooral een tekst die thema’s bevat die zo rijk en ruim van uier zijn dat je er nog jaren aan kunt blijven melken.
Wat een dag moet Nietzsche hebben beleefd toen hij voor het eerst de onuitputbare goudmijn en de oorverdovende slagkracht van zijn kernideeën voor zijn ogen zag: het einde van de bovenwerelden, het christendom als slavenmoraal, de omkering van alle waarden, de eeuwige wederkeer, de Uebermensch!

vrijdag 16 juli 2010

Het precieze gebruik (3081 - 3100)


Een verheldering van belangrijke begrippen met raadgevingen van de auteur voor hun juiste gebruik (3081 – 3100)
3081. een wijsheid: Jef Geeraerts: “Het probleem van onze politici is dat ze niet eens meer geloofwaardig kunnen liegen.”
3082. nog een wijsheid: Mark Eyskens: ”Het is belangrijk naar de waarheid te streven, maar het gevaarlijk ze te bezitten.”
3083. een van de oorzaken van het populisme: Marc Holthof in de essaybundel Populisme (EPO, 2004, zie mijn literatuurlijst): “Onder ons dun laagje rationaliteit, onze verantwoordelijkheid als individuele burger, schuilt de domheid: een veel dikkere laag emotionaliteit, driften, je-m’en-foutisme, laat-mij-met-rust mentaliteit die géén verantwoordelijkheid op zich wil nemen, die niét rationeel wil zijn, die géén bewuste burger wil zijn. Maar veel liever een slaaf – en dan vooral van eigen gewoonten en collectieve modes. Kortom: wij zoeken onze toevlucht in een bewust gecultiveerde domheid of antirationaliteit. We verzaken onze rechten en plichten als burger uit een instinctieve reactie, uit welberekend zelfbehoud, als een reactie op het problematische van deze wereld. Slaaf zijn is immers comfortabel: het ontslaat je van elke mogelijke verantwoordelijkheid.”
3084. het kleine ik: het is al veel als we erin slagen tevreden sukkels te zijn. Het is makkelijk een sukkel te zijn, veel minder om daarmee tevreden te blijven.
3085. succes (1): Herman De Croo: “Voor veel politici is hun eerste vrouw de reden van hun succes en hun tweede vrouw het gevolg daarvan.”
3086. succes (2): Raymond Poulidor en Jacques Anquetil waren grote rivalen. Anquetil won altijd en had verschillende vrouwen. Maar hij stierf aan kanker toen hij nog geen zestig was. Poulidor leeft nog altijd en rijdt met en speciale auto mee in de Tour.
3087. het christelijk personalisme, zoals gepraktiseerd in de CV&D: Rik Torfs in Knack: “Het probleem met deze stroming is dat ze een te harmonieuze verhouding vooronderstelt tussen het individu en de gemeenschap. Wie al te zeer het primaat van de gemeenschap benadrukt komt bij durvende zelfdoeners over als moralistisch. Christelijke politici laten daarbij nog al eens uitschijnen dat alles in hun privé-leven in orde is, terwijl dat niet het geval is. En dat is hypocrisie. Daarop en op dat het moralisme zijn de mensen afgeknapt.”
3088. gespeelde domheid (zie nr. 3083) (1): er is ongewilde domheid als een persoon door allerlei redenen niet in staat is om zijn verstand te gebruiken. De vurig begeerde, vrijwillig om zich heen gedrapeerde domheid is des te ergerniswekkender als ze het gedrag van de intellectueel beheerst. Maar die, als hij een waarachtig mens is, heeft voorheen het gevaar begrepen en de verschrikking in het oog gezien.
3089. gespeelde domheid (2): wie geen expert is, wie niet uitsluitend gezagsfiguren napraat, wie niet denkt binnen de aanvaarde kaders, wie niet publiceert, wie geen geld verdient met zijn intellectuele inzichten vindt in dit alles een reden om op zijn minst zijn denken te verbergen. Als hij dan tot zijn eigen verbazing opmerkt hoe gesmeerd zijn sociale contacten lopen, het gezellig het samenleven wordt of hoe aangenaam luchthartig zijn onderonsjes, zet hij er spoedig een punt achter.

3090. gespeelde domheid (3): en toch, naar een woord van J.S. Mill: liever een mislukte Plato dan een tevreden zwijn.
3091. burgerlijk fatsoen: Benno Barnard op zijn blog (‘Dagboekgedachten’) in Knack: “Iemand die in vrijetijdskleding op een begrafenis verschijnt, propageert het dogma dat alles wat lekker is ook goed is. Daartegenover staat de zelfbeheersing van de bourgeois, misschien een varken, zoals Brel keelt, maar deze spleethoevige is tenminste aangekleed. Hij krabt niet in zijn kruis, ook al jeukt het. Hij spuugt niet op de grond en hij vreet niet met zijn handen. Allemaal kleine symbolische gebaren die zeggen: ik sla jou niet op je gezicht, zelfs niet als ik er zin in heb. Burgerlijk fatsoen drukt het tegenovergestelde van moordlust uit.”
3092. de laatste neologismen: een lezerslokker van formaat (Jan Blokker); De Goddelijke Kale (Fortuyn).
3093. kerkelijke advocaten: nu grijpgrage pedofielen het instituut te schande hebben gemaakt keert de kerk niet haar andere wang naar de hand die haar (terecht) wil slaan. Ze huurt zeer defensief een batterij gewapende advocaten in en zoekt overal naar procedurefouten.
3094. succes (3): rijke mensen hebben het niet gemakkelijk, want Alexander De Croo viel onlangs van zijn paard. Christus daarentegen, toch een veel minder lucide proto-socialist, viel zelfs niet van zijn ezel.
3095. Alexander De Croo (1): bestaat alleen in de naam van zijn vader, verder uit gebakken lucht, en een reeks verschraalde, hopeloos gedateerde en al honderd maal op hun inefficiëntie getoetste neoliberale ideeën. Je zal zien, binnenkort vindt hij het Vlaamse vendelzwaaien uit en gaat op alle Oostvlaamse markten parmantig pronken met zijn inventiviteit.
3096. noodzakelijke besparingen: volgens schattingen van de Canadese regering hing aan het recente topoverleg van de G8 en G20 een prijskaartje vast van maar liefst 1 miljard Canadese dollar, of zowat 800 miljoen euro.
3097. de machtigen: nogal wat mensen vinden het onpassend generaliserend over ‘de rijken’ of ‘de machtigen’ te spreken. Toch vormen die soms zichtbare, maar meestal nauwelijks waarneembare netwerken waarin zij elkaar steunen. Die steun is soms alleen maar ideologisch: zo bewonderen ze allemaal het hiërarchische denk- en organisatiemodel van de kerk, dat de mensen gehoorzaam maakt en een onkritisch vertrouwen in allerlei 'meesters' opwekt. Zopas bleek dat zowat alle Belgische beursgenoteerde bedrijven – via hun raden van bestuur – met elkaar zijn verbonden. Luc Vansteenkiste is de grootste slokop in het aantal bestuursmandaten.
3098. Alexander De Croo (2): brak zijn elleboog, hoewel hij die op zijn werk zeer nodig heeft.
3099. onze verantwoorde politici: in hun strijd tegen de obesitas wou Europa een stoplichtlabel uitvaardigen voor voedingsproducten met een hoog zout-, vet- en suikergehalte. Een onvermoeibaar lobbyistenleger van de voedingsindustrie (Pepsico, Danone en andere reuzenbedrijven in de sector) stak daar echter een stokje voor. Volgens De Standaard was dit de grootste lobbyoperatie uit de Europese geschiedenis.

3100. het taalniveau van onze politici: op de blog van Marie-Rosé Morel: “Baadt het niet, dan schaadt het niet!”.

donderdag 15 juli 2010

Het precieze gebruik (3061 - 3080)


Een verheldering van belangrijke begrippen met raadgevingen van de auteur voor hun juiste gebruik (3061 – 3080)
3061. de laatste neologismen: de preformateur (Di Rupo); de vuvuzelaterreur; Nederlanders zijn eigenheimers (nationalistisch); de stierenstoot (het kopbaldoelpunt van Arjen Robben); de opaboom (vergrijzing); een touche à tout (een alleskunner, toepasselijk gezegd van de juist overleden Jan Blokker).
3062. het markantste staaltje van politieke newspeak: Di Rupo: “Ik heb de koning daarom aanbevolen een initiatief te nemen om de vastgestelde convergentie verder uit te diepen en te verbreden.”
3063. eigenaardig: net als de commissie Peter Adriaenssens werd het Brugse parket na het losbarsten van de zaak-Vangheluwe (de Brugse bisschop, die, naar nu blijkt, meer dan één slachtoffer heeft gemaakt!) bedolven onder de meldingen van seksueel misbruik binnen de kerk Blijkbaar hebben de slachtoffers evenveel vertrouwen in het burgerlijk parket als in godgewijde instanties.
3064. de tactiek tegen roomsgeboorde pedofielen: eerst haalt men de kat weg van de melk en dan zet men die naast een nog grotere kom melk en dat niet één maar meerdere keren.
3065. goed nieuws: blijkbaar zal er spoedig versoepeling komen in de beperkende voorschriften over het gebruik van vreemde talen in het hoger onderwijs.
3066. Wesley: twee keer zoveel Nederlandse ouders hebben hun pasgeboren zoontje Wesley genoemd, sinds het WK voetbal midden juni van start ging.
3067. Belgische blijheid: de Belgen mogen blij zijn als er afname is van de vermeerdering van de staatsschuld. Op dezelfde wijze mogen ze breeduit glimlachen omdat er geen achteruitgang is geboekt in het formatieberaad, hoewel geen vooruitgang.
3068. kardinaal Danneels: gebuisd voor de stresstest.
3069. cijfers (1): het Nederlandse elftal heeft (voor de finale) als bijna negentien miljoen euro aan premies verdiend.
3070. een roes als een andere: in de diverse WK-programma’s op de Nederlandse zenders, tussen het volk, de stemmen van de analisten en alle pratende warhoofden aan televisietafels was nauwelijks iets van een kritische kanttekening te horen.
3071. tandenborstels: in zoverre die behaarde stokken begerenswaardig worden gemaakt door een schep marketing en veel poeha, illustreren ze perfect de basis van onze kapitalistische ideologie: je creëert een kunstmatige behoefte, die je dan met de glimlach en tegen een mooi prijsje zelf ook weer invult.
3072. de beste boektitel van de week: de nieuwe essaybundel van Charlottre Mutsaers: “Pedante pendules en andere wekkers”.
3073. gevaarlijke speelsheid: dezelfde Mutsaers (over literaire kritiek,maar het kon ook over een typerende reactie op mensen gaan): “En begrippen die zich in hetzelfde woordveld als speels bevinden, zoals ironie, dartel of licht, moet ik niks hebben. Naar mijn idee zijn dat stuk voor stuk moordzuchtige termen die gevaarlijke schrijvers trachten te kleineren door de angel uit hun werk te halen.“
3074. de goede romancier: altijd een soort nar met enorme uitstaande oren.
3075. de goede roman: maakt de lezer tot een professionele mopperaar, tot een erelid van de club der maatschappelijke of existentiële malcontenten. Of misschien is het omgekeerd: omdat hij onraad ruikt gaat hij lezen en ontdekt dan de gronden van zijn boze vermoedens.
3076. de goede dichter: al kan hij niet meer, zoals voorheen, het leven celebreren (want het is niet goed), toch zoekt hij wapens ertegen, desnoods een mooigeverfde blinddoek.
3077. voetbal: de Nederlandse auteur Christiaan Weijts: “Nu God dood is, oorlogen alleen maar verre vredesmissies zijn en we 84 TV-kanalen hebben, schenkt alleen voetbal nog de troost van het collectief.”
3078. Jan Blokker is overleden: daarmee stierf één van mijn geliefde vaders. De Volkskrant typeert zijn stijl en denktrant als volgt: “Met een diepe wantrouwen tegen autoriteiten en een even grote afkeer van vrijblijvende vooruitstrevendheid, ook wel linkse modes genoemd of kortweg sociologie.”
3079. het oxymoron van de week: de eenzaamheid van de polygamisten.
3080. fout gedrag door een teveel aan gehoorzaamheid: in De Volkskrant geven Wim Meeus en Quinten Raaijmakers een beoordeling van de beruchte Milgram-experimenten (1963). Een van hun verklaringen van het aldaar vastgestelde gedrag (iedereen volgt de bevelen van een autoriteit) is de volgende. “Fout gedrag kan het gevolg zijn van foute situaties of van het individuele tekort. Als de meerderheid van de mensen fout gedrag vertoont, is het een gevolg van de situatie waaraan niet te ontsnappen valt. In dit geval is een zorgvuldige analyse van de situatie nodig om het gedrag te verklaren en is het onjuist om het toe te schrijven aan een falend normbesef of zwakte van karakter. En dat laatste gebeurt ten onrechte heel vaak. Er bestaat fout gedrag zonder foute individuen.” Ik vraag mij af deze verklaring niet toepasbaar is op al diegenen die de populisten steunen. Dan rijst de vraag welke situaties dit politieke gedrag noodzakelijk veroorzaken.

woensdag 14 juli 2010

Tourgedichten


14/07/2010. Zie dichterscollectief geelzucht

(Tour 2010 – Rit 10: Chambery – Gap – 14/7/2010 – overgangsrit)

De bergen zijn niet mals. Al lijkt hun kruin
bestrooid met poeder bovenaan, een gek
is het die van vandaag zijn feestdag maakt.
Tussen ons en de natuur gaat het. We rijden
het verlangen achterna om af te gaan.

Geen coureur meer maar een man die straks
een vrouw bekent dat zijn lichaam op elke plaats
een breuk verbergt. Bloedheet is het.
Het asfalt smelt. Straks liggen de Alpen
achter ons. De uittocht zorgt voor vaart.

In Gap op apegapen overleef je of je doet
het niet. Een lel bergop. Een lange sprint,
een duik. Mind the gap. Een ander wint.
Wat mij wacht is een trui, een pak vol kou.
Ijs wil ik. Ijs! Vries mij in. Laat mij kraken

als een zeemlap in mijn vel. Maak van mij
opnieuw een mens in de zon van Gap.

Paul Rigolle

Tourgedichten


11/07/2010. Zie het dichterscollectief geelzucht

Vandaag spatte Quatorze Juillet
met zijn rood-wit-blauw vuurwerk
voorbarig open in het hoofd van Chavanel:
aan de eindmeet had hij het over zijn jambes de feu.

Sylvain vlamde dus naar boven,
iets wat eigen is aan het bezit van vuurbenen,
het Station des Rousses werd zijn hemel,
met het medaillon om zijn hals
kuste hij via televisie vrouw en kinderen
maar dan kwam Jérôme Pineau nog aan de beurt,
de boezemvriend met de rode bollentrui,
een feest vol menselijke warmte
in la douce France van volbloed Sarkozy.

En Fabian, de vleesgeworden stormram,
hij ging ten onder met het flets geworden geel
om zijn uit arduin gekapte schouders,
dit keer legde hij de koers lam voor zichzelf.
willie verhegghe

dinsdag 13 juli 2010

Het precieze gebruik (3041 - 3060)


Een verheldering van belangrijke begrippen met raadgevingen van de auteur voor hun juiste gebruik (3041 – 3060)
3041. de beste neologismen: frères ennemis (de PS en de NV.a); een communautaire kladderadatsch (na de mislukking van De Wever); jobhoppende N-VA-ministers; de Nieuw-Vlaamse arrivisten (Bourgeois en Muyters, van de NV.a); rechtlijnige moraalridders die zich ontwikkelden tot zwalpende opportunisten (idem).
3042. modern spiritualisme: volgens sommigen is de struggle for life in de westerse, rijke landen een spiritual battle (een gevecht om waarden, gemeenschapszin, rechtvaardigheid in een andere zin dan die van de verdeling). Dit is geraaskal. Ieder spiritualisme is een dekscherm (bijvoorbeeld De Wevers loflied op de traditie). Alle recente gevechten en alle onvrede draaien rond de onvoorstelbare inkomensongelijkheid (en de gevoelens, rechten en mogelijkheden die daarbij horen, zowel boven- als onderaan de maatschappelijke ladder). Het temmen van het grote geld is de politieke (en morele) opdracht par excellence.
3043. excuses van bevlekte bevoorrechten: Koningin Paola: “De kans dat er bloed zit aan de diamant, die Kabila mij gaf, is niet onbestaand, maar wordt als ‘klein’ ingeschat”. Sarkozy (nadat het vermoeden rees dat hij zijn verkiezingscampagne frauduleus door derden liet betalen): “Dit is een lastercampagne!”. Kardinaal Danneels (via zijn woordvoerder): “Maar wat hij gisteren moest incasseren was een brandmerk op zijn verdere leven. De kardinaal had zich zijn pensioen anders voorgesteld”. De directeur van DSM (een farmaceutisch bedrijf in Oss, Nederland, mer zoaps 2500 ontslagen): “De Nederlandse regering steunt geen innovatief onderzoek!”. De Vlaamse president Peeters (toen de NV.a -ministers opnieuw de eed in het Vlaams parlement aflegden): “Vlaanderen heeft meer institutionele autonomie nodig, zodat het zelf maatregelen kan nemen om dergelijke carrousels – die heel sterk ruiken naar kiezersbedrog – een halt toe te roepen.”
3044. De Wevers politieke en filosofische zeepbellen: als rasechte soixante-huitard weet ik wat zeepbellen betekenen: een kerkhof van niet-ingeloste verwachtingen.
3045. te verklaren: waarom in romans, films en in het gewone leven verliefdheid en seks geheel foutief als de kern van het leven verschijnen.
3046. trouw aan de kerk: de kerk meent dat ze de ethiek in pacht heeft, maar wie in het licht van haar geschiedenis, van haar zeer tegensprekelijke leer en van haar huidige, grenzenloze hypocrisie nog trouw blijft aan dit instituut is onwaarschijnlijk onethisch. Echt goede mensen sluiten de kerkdeur en doen ze nooit meer open (of deden dat al veel langer). Wie dat wel doet is bang, verstard, koppig, dom, kwaadaardig, onderworpen of verdedigt een of ander persoonlijk voordeel.
3047. de NV.a-bedriegerijen: niet alleen bezondigden twee ministers van die partij zich aan zeer laakbaar ‘jobhoppen’, maar ook hun 59 kabinetsmedewerkers kwamen voor één dagje in dienst bij de minister-president.
3048. rebellie tegen Reynders: ik hoop van harte dat hij sneeft. Helaas zullen zijn opvolgers uit hetzelfde vaatje tappen als dit antibelastingsmonster. Als niemand voor hem gebruikte deze intelligente kromprater het antivlaamse sentiment om aan de macht te komen; dan gebruikte hij zijn macht om de rijkeren straffeloos van hun financiële burgerplichten vrij te stellen. Met zijn desastreuze erfenis zitten we nog generaties opgescheept.
3049. de last van de gemeenpraat: het alledaags gebabbel, met zijn vereenvoudigingen, vooroordelen en vertekeningen, drukt als een loden plaat op de vleugels van het denken. Daarmee wordt waarheid tot een vorm van retoriek, zeg maar macht. Wie dit heeft begrepen heeft zijn bewustzijn voor altijd geopend voor het inzicht in de verschrikking. Gelukkig slagen de mensen er meestal in, ónder de meningen door, in al hun aandacht voor eten en drinken, voor kleren en huizen, reizen en vakanties, die zwaarte vér van zich te houden. Voor de nadenkende mens betekent dit wel een soort hoogverraad, een eerloze abdicatie, een in feite onvergeeflijke intellectuele knieval, waarzonder hij nochtans niet kan overleven.
3050. de vreemde figuur van de literaire intellectueel: vroeg of laat eindigt hij als een bijzondere vondst van een productinnovator in de pretparkbusiness.
3051. hoe de staat het kapitalistisch spel beheerst (1): soms lijkt het of de staat boven het kapitalistisch spel staat. De liberale democratie zorgt er immers voor dat de spelers zich aan de spelregels houden, die specifiek zijn voor het territorium waarover die democratie zich uitstrekt: dat de mensenrechten worden gerespecteerd, de arbeidsvoorwaarden, de milieuvoorschriften, de gezondheids- en veiligheidsnormen. Tegelijk hebben die democratieën er baat bij dat de voorwaarden waaraan zij het kapitalistisch spel op hun terrein onderwerpen interessant zijn voor de grote, geglobaliseerde spelers. Zoniet dreigen de bedrijven gebieden op te zoeken waar voor hen meer interessante voorwaarden gelden. Staatsoverheden zijn dus in een onderlinge concurrentie verwikkeld. Zij moeten zichzelf verkopen en dat door een techniek die wij nation marketing kunnen noemen (‘Vlaanderen: goedkoop,efficiënt en werkzaam!’). Vandaag is nation marketing niets anders dan deregulering, staatsteun en vermindering van bedrijfsbelastingen. De redding van de lokale economie komt op den duur dan ook neer op de verarming van de staat (en dus van de gewone burgers) en de verrijking van de machtige economische spelers.
3052. hoe de staat het kapitalistisch spel beheerst (2): de vrijheid van de staat om dat te doen bestaat dus in de vrijheid om de bloemen te kiezen op de ketenen van het kapitalisme.
3053. Wat we zelf doen, doen we beter: dat impliceert dat wat we niet beter doen, we geenszins zelf moeten doen.
3054. de Vlaamse natie: precies zoals dat in de negentiende eeuw bijvoorbeeld in Frankrijk gebeurde probeert de Vlaamse regering nu een natie te scheppen, onder meer door een politiek van nabijheid. Die nabijheid is geen werkelijkheid, maar alleen een poging tót, een simulatie. Vlaanderen wordt geboren uit een reeks van oorverdovende mediabombardementen. De overheid wil vooral gezien worden: in kranten en tijdschriften, op radio en televisie, langs autowegen, op affiches, in programmabrochures, in logo’s. Of Orwell omgekeerd: you are watching Big Brother.
3055. hoe de staat het kapitalistische spel zou kunnen beheersen (3): misschien kunnen welbepaalde, onmisbare nutsbedrijven (zoals publieksbanken) in handen van de overheid overgaan. Verder mogen er geen quango’s bestaan (‘quasi non-governmental organisatons’) die zich buiten de democratische controle bewegen. Sommige overheidsbedrijven in de nutssector kunnen bovendien schoner, innovatiever en efficiënter produceren. En de (laagstbetaalde) werknemers zouden dan niet langer onder negentiende-eeuwse omstandigheden hoeven te werken. Want het is vooral de overdreven winstmaximalisering, waarvoor alle regels , afspraken en menselijke omgangsvormen verblind tussen haakjes worden gezet, die de privé-bedrijven inefficient begint te maken en op den duur vernietigt.
3056. cijfers (1): soms zijn ze onnauwkeurig en het is waar: er zijn geen groter leugens dan statistieken. En toch is er de spreuk van Keynes: ‘It’s better to be approximately right than precisely wrong’.
3057. cijfers (2): koplopers in de wedstrijd voor de grootse inkomensgelijkheid zijn Zweden en Denemarken. Nederland staat op 27ste plaats. De UK en de VS respectievelijk op de 46ste en de 94ste plaats. De plaats van België is mij niet bekend.
3058. grote structuren: het leven van een oud kwezeltje in een onooglijk Westvlaams dorp evolueert door de grote structuren die van bovenaf worden opgelegd.
3059. de geschiedenis: mensen die nog geloven dat dit zelfstandige naamwoord met het bepaald in plaats van met het onbepaald lidwoord moet worden gebruikt zijn onbescheiden of verstokte essentialisten, wat vaak op hetzelfde neerkomt.
3060. de rijkere natuurtoerist: een bejaarde die zijn levensvervulling realiseert door in het Krugerpark met een kaki hoedje op zijn hoofd een leeuw te gaan zitten filmen en een wrattenzwijn achterna te hollen.

zondag 11 juli 2010

Een brief aan Darwin


Darwin over godsdienst
Herman Philipse is filosoof en verbonden aan de Universiteit Utrecht. Dit is aflevering 37 ( 27 november 2009) van een reeks hedendaagse brieven aan Charles Darwin die verschenen in De Volkskrant naar aanleiding van het Darwinjaar.
Dear sir,
Vergeeft u mij dat ik u een brief schrijf hoewel u niet meer bestaat. Dat is weinig gebruikelijk, en gemeten aan de maatstaven van etiquette enigszins onfatsoenlijk. Ik troost mij met de gedachte dat u het niet zult merken en, indien dit anders mocht zijn, zien zult dat ik louter bewogen word door bewondering voor de diepte en grondigheid van uw wetenschappelijk werk.
In de schets van uw leven die u in 1876 schreef, staat een korte maar krachtige beschouwing over ‘Religious Belief’. u legt uit op grond van welke argumenten u ertoe kwam uw orthodoxe christelijke geloof op te geven en agnost te worden, ofschoon u dit, zoals u zegt, aanvankelijk met tegenzin deed. Dat u het geloof toch liet varen is kenmerkend voor de compromisloze intellectuele eerlijkheid waarvan uw geschriften steeds getuigen.
Soms breekt de hartstocht door in uw verder zo rationele betoog, zoals waar u zegt dat u zich niet kan voorstellen hoe iemand ook maar zou móéten wensen dat het christendom waar is. ‘Indien het waar is’, schrijft u, ‘dan lijkt de heldere taal van de tekst te zeggen dat mensen die niet geloven, onder wie mijn vader, broer en bijna al mijn beste vrienden, eeuwig gestraft zullen worden.’ Laat ik uw oordeel hierover in het Engels citeren: ‘And this is a damnable doctrine.’ Dat zinnetje mag wat mij betreft eeuwig weerklinken in de hoofden van christenen of moslims die zoiets nog geloven.
Tegenwoordig zijn er veel biologen, zoals wijlen Stephen J. Gould, die menen dat de evolutietheorie niets met religie te maken heeft. Natuurlijk is dat waar indien men religies ontdoet van elke feitelijke waarheidsaanspraak. Maar de meeste godsdiensten en gelovigen koesteren allerlei feitelijke waarheidsaanspraken, zoals dat God bestaat, dat er een hiernamaals is, dat Jezus opstond uit het graf, dat de Koran Gods woord is, en dergelijke. In uw jeugd was u onder de indruk van de argumenten van William Paley, die hij uiteenzette in zijn boek Natural Theology (1802). Volgens Paley kunnen de eerste exemplaren van elke biologische soort niet bij toeval zijn ontstaan, omdat ze een grote functionele complexiteit bezitten. Daarom zou God ze geschapen moeten hebben, zoals het Oude Testament ook zegt. Dit ‘ontwerp-argument’ was een belangrijke reden om te geloven in het bestaan van God.
In uw boek On The Origin of Species, waarvan we deze week het 150-jarig bestaan vierden, laat u op ruim 25 plaatsen overtuigend zien dat uw evolutietheorie superieur is aan die traditionele scheppingstheorie. Een wetenschappelijke theorie kan dus een theologische theorie weerleggen, de theorie van ‘speciale creatie’, zoals u haar noemt. Oorspronkelijk was u diep onder de indruk van Paley’s ontwerp-argumenten. Maar door breed opgezet wetenschappelijk onderzoek en scherp nadenken kwam u tot de conclusie dat Paley’s ontwerp-theorie faalt, omdat de wet van de natuurlijke selectie de gegevens beter verklaart.
Nu weet u net zo goed als ik dat religies lijken op de draak Hydra, die Hercules moest verslaan. Zodra de criticus van godsdiensten een hunner argumenten of leerstellingen weerlegt, interpreteren ze die anders, of opperen ze tien nieuwe, zodat de criticus nooit klaar is. Zo groeiden ook bij de Hydra nieuwe koppen aan voor elke kop die werd afgehakt. Tegenwoordig is vooral de Intelligent Design-beweging, die probeert ontwerp-argumenten te verzinnen welke niet door de evolutietheorie weerlegd kunnen worden, in de mode bij sommige gelovigen.
We hebben wellicht een nieuwe Hercules nodig die al deze argumenten ontkracht. Ik vrees dat het geestige boek The God Delusion van uw bewonderaar Richard Dawkins wat dit betreft nogal tekortschiet, ook al heeft het een miljoenenoplage. Dawkins weet wel ontzaglijk veel van biologie, maar het ontbreekt hem aan filosofische finesse.
Gaarne ontsla ik u van de beleefdheidsverplichting om op mijn brief te antwoorden. Over godsdienst schreef u immers al eens (op 2 april 1873) een brief aan een collega die werkte aan de Utrechtse universiteit, waar ook ik werkzaam ben, de heer N.D. Doedes. U besloot die brief met een licht ironische zin waar ik mij gaarne bij aansluit: ‘The safest conclusion seems to be that the whole subject is beyond the scope of man’s intellect, but man can do his duty.’
I have the honour to remain, dear Sir, yours faithfully,
Herman Philipse

zaterdag 10 juli 2010

Conversatietips voor gevorderden


Conversatietips voor gevorderden (30)
Je vriend komt juist uit een urenlange file: zeg hem op ernstige toon: “Het heeft geen zin om voortdurend over dat probleem te zeuren. Vraag je liever af waarom je weer in de file zat. Dat kan de geboorte betekenen van een groot filosoof.”
Je streelt heel vertederd een vriendin van je vriendin en de laatste betrapt je: red je uit de nood met de volgende woorden: “Agressie is uit en empathie is in!”.
Je buurman pocht onuitstaanbaar over zijn nieuwe Audi: zeg hem kordaat: “Jouw lofzang op je persoonlijke economische groei komt neer op het aanheffen van vrijheidsliederen op een slavenschip”.
Je beste vriend vertoont de eerste tekenen van een burn out: troost hem als volgt: “Wat wil je, we leven nu eenmaal in een tijd die de trekjes begint te vertonen van een radio die steeds harder wordt gedraaid!”
Je haat je leraar godsdienst: stel hem de volgende vraag: “Als God het beste wil voor mensen , maar de straf voor zondaars is eeuwig, wie schiet daar dan mee op?”.

Je nieuwe vriendin vindt jullie relatie bepaald problematisch: red je uit de situatie door de volgende woorden: “Misschien beleef ik nu de meest onharmonieuze relatie die ik ooit heb gehad. Maar we hebben knallende seks. Disharmonie leidt in ons geval tot een enorme aantrekkingskracht!”.
Je dominante broer is onverwachts ontslagen: breng hem tot inzicht met de volgende woorden: “Geef toe, jij bent altijd een flapuit geweest. Je durft gewoon kut, lul en hoer hardop te zeggen. Maar soms ken je je plaats niet. Het is belangrijk dat je op je werk niet probeert leuker te zijn dan je baas. Per slot van rekening is hij de star.”
Je moeder vindt dat je best eens uitkijkt naar een nieuwe relatie: pareer haar als volgt: “Het heeft zo zijn voordelen om alleen te zijn. Ook wel nadelen natuurlijk, maar ik kan alles doen waar ik zin in heb. Ik sta twaalf jaar droog, op dat gebied, maar daar kies ik bewust voor. Iedere avond een flinke bel cognac, één flinke neut en dan naar bed, dat verricht wonderen.”
Je zus vindt je onverdraaglijk ijdel: verdedig je met de volgende woorden: “Neem nu Harry Mulisch. Op een avond zat hij met een gezelschap in Hotel Americain en hij liet omroepen: ‘Meneer Mulisch, er is telefoon voor u!’. Dat is pas ijdelheid, gewoon georganiseerde schone schijn!”
Je vrouw heeft een hekel aan je kwetsbaarheid: wijs haar op het volgende: “Ons ego is als een lekkende ballon die voortdurend speldenprikjes incasseert. Om opgeblazen te blijven heeft het ego stroompjes liefde nodig, in de vorm van bevestigingen. Daarom voel ik mij soms door een enkele afwijzing een onnozele mislukkeling of een miskend talent.”

De sluipmoord van het vooroordeel


De gemeenpraat als onze gevangenis
Het misverstand behoort bij de voorwaarden van ons bestaan. Personen, dingen en toestanden zijn omwolkt met vooroordelen, scheve waarnemingen en schabouwelijke conclusies. Het overal aanwezige, onvermijdelijke, desastreuze misverstand behoort tot de verschrikkingen van het leven. Misschien is het de taak van de intellectueel, al klinkt dit hoogmoedig, enigszins weerwerk te bieden aan de cognitieve, emotionele en al te verbeeldingsrijke vertekening die op alle terreinen van het sociale spel plaatsvindt. Daarom vind ik de onderstaande tekst uit de 'Carnets' van Henry De Montherlant bijzonder zinrijk. Ik vond hem als een motto in een boek van Dieter Lesage: 'Zwarte gedachten over België', Dedalus, Antwerpen 1998.
“Tous let êtres sont jugés sur des sentiments qui ne sont pas leurs, des actes qu’ils n’ont pas faits, des paroles qu’ils n’ont pas dites, de prétendus rapports entre eux et le monde qui n’ existent nullement. Témoignent-ils, ne croyez pas que leurs témoignages les protégeront. Un écrivain peut répéter durant trois cents pages : ‘ceci est noir’, il y aura des gens pour publier qu’il a répété : ‘ceci est blanc’. Le monde n’ira pas voir et croira ces gens.
Ce qui se passe ainsi pour les êtres se passe de même pour les évènements, pour les problèmes, pour tout. A la façon dont on nous juge, connaissons comme tout est jugé. Tout est jugé sur des racontars, des confusions, des malentendus, des approximations, de l’invérifié.
Mais le monde ne veut pas renoncer à avoir des opinions sur tout, si dérisoire que soit le fondement de ces opinions. Il veut continuer de tuer et d’ être tué pour des illusions. Il nous tue nous-mêmes, nous qui savons. »

donderdag 8 juli 2010

Het precieze gebruik (3021 - 3040)


Een verheldering van belangrijke begrippen met raadgevingen van de auteur voor hun juiste gebruik (3021 – 3040)
3021. schema’s voor lege geesten: vaak vraag ik mij af hoe mensen denken over een domein waarvan ze weinig of niets weten. Uit eigen ervaring weet ik wel hoe zo’n domein in een eenvoudig, ondoordacht schema wordt gevat, in een of twee begrippen wordt gerepresenteerd met de daarbij horende gevoelswaarden en met de tegenstellingen die daarbij als vanzelfsprekend opduiken. Als dit alles voortdurend door de sociale omgeving wordt bevestigd (of alleszins niet ontkracht) dan voel je geen nood om dieper na te denken. Het lijkt dan of je geest voortreffelijk is geordend. Daarbij weet je doorgaans niet dat je ontwetend bent.
3022. welkom in België (1): het is aberrant dat de veilige spaardeposito’s in België de basis vormen voor de bankenheffing terwijl de speculatieve activiteiten, die de economie zoveel schade hebben berokkend, buiten schot blijven. De basis van de heffing is niet alleen verkeerd, de heffing (jaarlijks 600 miljoen) is ook te laag.
3023. welkom in België (2): Electrabel, dat al dertig jaar geld pikt van de consument en bedrijven en elektriciteitsprijzen aanrekent die 20 tot 30 % te hoog liggen, betaalt geen vennootschapsbelasting. Ze manipuleert haar winst tot onder het miljard euro. Via regulator Creg weten we dat alleen al in 2007 Electrabel een nucleaire rente verdiende van bijna twee miljard. Tel daarbij de winst op de goedkope kolencentrales en gasturbines en de jaarwinst overtreft de 2,5 miljard. Tussen 2005 en 2009 factureerde de energiesector nog eens onterecht een 1,7 miljard CO2-uitstootrechten aan de bedrijven. Het besluit van Pascal Dendooven in De Standaard: “Onze politici blijken vaak te zwak en binden te snel in voor de terreur van de klassieke lobby van de grootbanken en van de energiesector”.
3024. welkom in België (3): tijdens de tweede rit van de Tour vielen de renners bij bosjes op de Waalse hellingen. Geen wonder, want Leterme was aanwezig.
3025. vertrouwen: het vertrouwen in gezagsfiguren en experten komt – zeer tot mijn verwondering – algemeen voor. Soms heeft het een aanvaardbare basis (echte experten weten of kunnen iets), maar meestal is het ook aanwezig als de grond ervoor volstrekt onverantwoord is. Zo’n onvoorwaardelijk en veralgemeend vertrouwen heeft iets infantiels, het illustreert onze (noodzakelijke en dus onvermijdelijke) afhankelijkheid van machtige anderen. In dit soort vertrouwen toont zich de kleinheid van ons ego.
3026. de banaliteit van het kwaad (1): het kwaad is nooit banaal, de daders zijn het heel vaak.
3027. de banaliteit van het kwaad (2): de meeste mensen zijn tot een groot kwaad in staat indien ze daarbij ongestraft hun voordeel kunnen halen. Dit wijst erop dat dit voordeel een schaars goed is. Schaarste is de eerste bron van geweld, van naijver en allerlei kwaadaardige ondernemingen. En daar schaarste een relatief begrip is (zij wordt gedefinieerd in vergelijking met de toestand van de anderen) komt er nooit een einde aan, zelfs indien de meeste mensen welvarend zijn.
3028. de banaliteit van het kwaad (3): als de meeste mensen welvarend zijn vindt iemand al spoedig een of ander punt om zich te onderscheiden van de anderen, waardoor op den duur een nieuwe soort schaarste ontstaat. Als we goed kunnen eten, wonen, seksueel aan onze trekken komen en ons voldoende kunnen wassen en ontspannen, is daarom ons verlangen tot distinctie er wellicht de oorzaak van dat het kwaad nooit een dagje vrijaf neemt.
3029. het verlangen naar overzichtelijkheid: Jan Marijnissen over Geert Wilders: “De elite is kosmopolitisch ingesteld. Ze reist veel en denkt: Europa is de toekomst. Maar hoe grootschaliger het wordt, hoe minder het democratische gehalte. Professor Galjaard zei het laatst heel scherp: ‘Onze hersenen zijn evolutionair te klein voor de globalisering van de wereld.’ En als de mensen het niet meer kunnen volgen, zoeken ze hun toevlucht in oneliners. Die suggereren namelijk grip en overzicht. Dat heeft Wilders prima door.”
3030. het belang van het discours (1): dezelfde Jan in Vrij Nederland: “De PVV is een gevaar voor de democratie. Dat zit hem in de betekenis van het Woord. Als een ideologie of religie mensen categorisch bestempelt, komt automatisch een proces op gang waarbij mensen elkaar wegzetten. Waarom bleef de apartheid zo lang bestaan? Dankzij het Woord, dankzij een theorie die zei: “Wij zijn verschillende menssoorten die niet bij elkaar horen. Daarom moeten wij apart van elkaar leven. Zij hebben hun thuisland, met hun eigen cultuur. Laat dat vooral gescheiden blijven.“ Je zag het later op de Balkan, in Rwanda. Zodra je je ten doel stelt om bevolkingsgroepen systematisch te beledigen, ben je de weg volledig kwijt. De kopvoddentax is het beste voorbeeld. Voortkomend uit het idee ‘de vervuiler betaalt’. Als politicus bepaalt hij ook het idioom van de straat. Dat leidt tot vergroving en discriminatie.”
3031. het belang van het discours (2): een hangjongere in het Nederlandse Simpelveld (Zuid-Limburg), waar Wilders onverwachts hoge scores haalde: “Als mijn vrienden stemmen voor Wilders (zeer rechts), ik voor de SP (streng links). We denken niet veel na, we pikken hier en daar wat geluidjes op en praten die dan na. Met elkaar hebben we het nooit over politiek.”
3032. de banaliteit van het kwaad (4): onze wil tot distinctie is op die manier zowel ons noodlot als ons eremerk. Dankzij deze wil is de mens, naar een woord van Nietzsche, 'een blozend dier', dat zich schaamt als het zich achteropgesteld, vernederd of verkleind weet. De grootste bron van vernedering is vandaag zonder twijfel de onvoorstelbare inkomensongelijkheid (en de rechten en mogelijkheden die daarmee samenhangen), terwijl tezelfdertijd overal wordt geroepen dat iedereen gelijk is en dat de verovering van die gelijkheid een kwestie is van onze persoonlijke verantwoordelijkheid.
3033. de leefwereld (1): onder de leefwereld verstaan we het geheel van overgeërfde ideeën, gevoelstemmingen, praktijken, idealen en gewoonten die ons handelen motiveren. Volgens de klassieke conservatieve filosofen (van Burke tot Scruton), Herman De Dijn, Charles Taylor en vele anderen is die leefwereld de bron van de moraal, van de zingeving, de baarmoeder van alle cultuur en daarmee de externe stutpaal van onze innerlijkheid. Omdat de tradities langzaam uitsterven en worden vervangen door het onweerstaanbare appel van de media, de reclame en de socialiserende invloed van een decennialange opvoeding is het echter zeer de vraag of de (klassieke) leefwereld die rol nog langer kan spelen. Omdat onze ziel een soort afdruk is van de maatschappelijke omstandigheden rijst de vraag welke gedaante zij aanneemt in deze nieuwe situatie. De schoolse opvoeding bijvoorbeeld heeft een heel andere, ja zelfs een tegengestelde impact op ons dan de media en de reclame. Die drie machten zijn bovendien verlengstukken van moeder en vader, die, anders dan de originele exemplaren, hun greep op het individu tot aan diens dood blijven behouden. Geen wonder dat we verwarder en afhankelijker zijn dan destijds, en dat precies op het ogenblik dat het ideaal van de persoonlijke keuze, de plicht van volstrekte autonomie als een juk op onze schouders ligt.
3034. de leefwereld (2): omdat onze leefwereld op dit moment een geheel nieuwe constructie is (de aard ervan heb ik hierboven toegelicht) lijkt het hoofdargument van de klassieke conservatieven (dat onze menselijkheid het best wordt gestut en bestendigd door een beroep op de traditie) niets meer dan een schim in een dans van schijngestalten. Toch blijft het waar: de innerlijke mens ontstaat uit de mal van het uiterlijke, want, zoals de Fransen zeggen, la function fait l’organe. We zijn onze afhankelijkheden.
3035. de nieuwste neologismen: een luxeverzuim (als ouders hun kinderen twee dagen voor het einde van het schooljaar mee op vakantie nemen); die van de belastingen (dat zijn altijd de socialisten!); de multiculturele fanatici (dat zijn - alweer onterecht- de linksen!); een pas-op-de-plaats in Pas-de-Calais (in verband met de illegalen die naar Engeland willen).
3036. moderne oxomora: een travaillistisch liberalisme; rijk worden door schuld.
3037. de CD&V wil absoluut meeregeren: maar te gewillige vrouwen kunnen ook een afknapper zijn.
3038. 11 juli: welke dag zou voor De Wever beter geschikt zijn om het Belgische model dood te verklaren dan 11 juli, de Vlaamse feestdag?
3039. onzichtbaarheid: koning Albert in Kinshasa, De Wever als informateur, Tom Boonen in de Tour, het publieke, met daden geïllustreerde mea culpa van de met sperma bevlekte Katholieke Kerk.
3040. verder dan ver: als de ambities van Rik Torfs.

zondag 4 juli 2010

Het precieze gebruik 3001 - 3020


Een verheldering van belangrijke begrippen met raadgevingen van de auteur voor hun juiste gebruik (3001 – 3020)
3001. de oranjegekte: Nederlanders hebben de zege van Oranje op Brazilië vrijdag uitbundig gevierd. In stadscentra braken spontaan volksfeesten uit. Uit die oranjegekte is iets te leren over de mens: hij wil deel uitmaken van een groter geheel, dat hem opneemt, redt uit zijn povere individualiteit, beschermt en in zijn ziel een warm, collectief enthousiasme vermag te wekken voor zaken die zijn dagelijkse zorg te boven gaan.
3002. de laatste neologismen: een zuurstokroze tong; the survival of the kindest; ontvriendingen (ongeveer het tegengestelde van liefdesverklaringen); een bierbabe; een zwempedo; een zeilmeisje.
3003. de ongeliefde Henin: tennisspeelster Henin is niet zo geliefd in Wallonië. Zij is te onvriendelijk, gedraagt zich als een ijsheilige en vooral, ze woont in Monaco, waar ze vrijwel geen belastingen betaalt. Ook de wielrenner Tom Boonen had daar een tijdje een residentie (zogenaamd om beter te kunnen trainen). Maar daaraan nemen de Vlamingen, heel anders dan de Walen in het geval Henin, geen aanstoot.
3004. de geliefde Tom Boonen: ik ken verscheidene mensen, zonder uitzondering onnadenkende, fanatieke sportgekken, die de opmerking niet verdragen dat Henin en Boonen hun burgerplicht verzuimen door een woonst in het belastingsparadijs te kopen. Misschien stellen zij sportprestaties zozeer boven de andere domeinen van het leven dat de laatste onbelangrijk worden; misschien zouden ook zij, mocht de gelegenheid zich onverwachts voortdoen, met een plotseling goedgevulde geldbeugel onmiddellijk naar Monaco verhuizen; misschien begrijpen ze gewoon de samenhang der dingen niet (want het zijn in de eerste plaats diezelfde mensen die door het gedrag van deze sportlui worden benadeeld); misschien is hun identiteit zo zwak dat ze ook maar de geringste smet op het blazoen van hun helden wel van de hand moeten wijzen. Maar vooral in ethische zaken (al zijn die als het gaat om burgerplichten abstract en dus wat verwijderd van onze eigen voordeur) kan je niet blijven je schouders ophalen, alles relativeren en uitzonderingen maken: ook rijke beroemdheden verdienen het niet te poseren als een volksheld, een bewonderde medeburger, als ze, ondanks hun onvoorstelbare sportprestaties, via een ingewikkelde omweg je zakken leegroven.
3005. lezen (1): wie goed wil lezen moet veel lezen. Je moet ergens je stiel leren.
3006. lezen (2): moreel inzicht is een kwestie van praktische wijsheid, wat Aristoteles de 'phronesis' noemt. Je kan die alleen verwerven door ervaring op te doen en daarvoor is het leven meestal veel te kort. De leeservaring nu lijkt op de morele zodat je door veel te lezen in relatief korte tijd veel moreel inzicht kunt verwerven.
3007. Nicolaas Copernicus: de ooit door de katholieke kerk in de ban gedane wetenschapper is opnieuw begraven. Daarbij hebben Poolse priesters zijn graf gezegend met wijwater. Too little, too late, alweer.
3008. tegen het populisme: Bert van den Brink, hoogleraar politieke en sociale filosofie aan de Universiteit Utrecht: “De kloof tussen burger en politiek moet in stand worden gehouden. Dat is de enige manier waarop de democratie kan werken. De eis om die te overbruggen (de beruchte door de PVV geëiste inspraak van Henk en Ingrid) werkt zelfs antidemocratisch. Een volk dat alles zelf voor het zeggen heeft is niet per se tolerant voor individuen die een beetje buiten de groep vallen. Het is aan de politiek om ook die mensen te beschermen.”
3009. peer reviews: op de universiteit is er steeds meer wantrouwen en controle. Hoogleraren moeten per jaar regelmatig peer reviewed (door collega’s getoetste) artikelen publiceren. Vroeger werden hoogleraren weinig gecontroleerd en konden ze nog boeken schrijven zoals Herfsttij der Middeleeuwen (1909) van historicus Johan Huizinga. Dat was een product van jaren, waarvoor nu geen ruimte meer is.
3010. de gelaagdheid van al het menselijke: het is interessant dat wantrouwen en vertrouwen soms samen voorkomen, zoals in het verschijnsel plankenkoorts. Je durft optreden en toch vertrouw je jezelf niet helemaal. En wat zit er allemaal niet in de innerlijke beleving die we schuld noemen? Ik noem maar wat: schaamte, ontkenning, wegvluchten, angst, vernedering, ontgoocheling, goede voornemens, minderwaardigheid, frustratie, verlangen naar straf, een nieuwe cognitieve alertheid, een verlangen naar (zelf)wraak, morele jaloersheid, de wil om de morele wet te verzwakken, te versterken of om te bouwen.
3011. het nut van de religie: men meent dat de religie verbindt (religare is verbinden), de sociale cohesie bevordert. Dit is een misverstand. Religie verbindt gelijkgezinden, maar verdeelt de samenleving.
3012. religie: Paul Cliteur, in zijn nieuwe Engelstalige boek The Secular Outlook: “Het monotheïsme is intrinsiek gewelddadig. Het godsbeeld dat oprijst uit de openbaringsgeschriften is nu eenmaal niet dat van een oud, ziek mannetje. Het betreft hier een almachtige God, die alles weet en die iets met de wereld voorheeft. Hij schrijft voor wat goed en wat kwaad is. En de mens moet Hem gehoorzamen, ongeacht wat hij daar zelf van vindt. Dat is de goddelijke bevelstheorie.”
3013. terrorisme: dezelfde Paul Cliteur: “Terrorisme requires only a few. Een klein aantal terroristen kan grote ellende veroorzaken. Je hebt een iets groter Umfeld nodig van mensen die hen steunen. En je hebt nog een groter Umfeld nodig van verwarden. Dat is de politieke en intellectuele elite die eigenlijk niet weet wat ze hiermee aan moet. Zij zoekt het nu vooral in sociaal-economische factoren, terwijl een kind kan begrijpen dat zo’n verklaring tekort schiet. Afrika zit vol arme mensen. Toch komen daar nauwelijks terroristen vandaan. We leven in een wereld waarin er altijd grote verschillen zijn geweest tussen arm en rijk – vroeger nog veel sterker dan nu. Toch is het religieus radicalisme een grotere dreiging dan ooit tevoren”.
3014. de Verlichting: ze is niet zo ijzersterk dat ze niet voortdurend onderhoud behoeft.
3015. waarheidsclaims (1): hoe voorlopig of onzeker bepaalde uitspraken ook zijn, op een bepaald moment moeten we durven iets als waar te presenteren (als het meest waarschijnlijkste, als het beste advies dat te geven is). Zoniet vervallen we in een postmoderne meningencultuur waarin de waarheid er niet meer toe doet.
3016. waarheidsclaims (2): het is paradoxaal dat ook de strenge wetenschappelijke methode tot dergelijke ongewenste, postmoderne danspasjes kan leiden. Omdat in de menswetenschappen een en ander niet experimenteel kan worden geverifieerd zijn vele uitspraken daar - méér dan bijvoorbeeld in de natuurwetenschappen - alleen maar op (weinig systematische) waarneming en speculatie gebaseerd. Teveel gestrengheid leidt dan tot een voortdurend mitsen en maren, tot honderden misschiens, tot de ergerniswekkende alternatie van enerzijds en anderzijds, tot een bange voorliefde voor het veilige midden. Op den duur durft men niet meer te denken en valt men, door een gebrek aan moed en onder het gewicht van een al te zware wetenschappelijke wellevendheid, pardoes in het postmoderne ravijn.
3017. het gevaar van het toerisme: wie deze zomer naar Firenze reist moet opletten voor 'het syndroom van Stendhal'. Deze Franse schrijver kreeg een zenuwtoeval toen hij daar bevangen raakte door de artistieke schoonheid, waar in die stad geen ontkomen aan is.
3018. de schoonheid: in zijn nieuwe boek (Schoonheid, uitg. Nieuw Amsterdam, Amsterdam 2010) beweert de conservatieve Engelse filosoof Roger Scruton dat kunstenaars motieven moeten zoeken, vormen, beelden, ideeën en emoties die ons opnieuw doen opgaan in het lieflijke of het ontzagwekkende, zoals Burke het vroeger verwoordde en zoals Kant dat van hem heeft overgenomen. Kunst is dan vooral een spirituele ervaring, een drempel naar het transcendente, waardoor we voor een tijdje verlost worden van een wereld vol toeval, zonder samenhang, gevuld met onvolmaaktheden, negatieve emoties en vuig eigenbelang. Nu de zomerpopfestivals weer het nieuws vullen ben ik meer dan geneigd hem voor een keer gelijk te geven.
3019. trots: trots is terecht als je weigert dat een persoon je voor de holle honderd procent definieërt.
3020. het parlement: Jan Marijnissen over de Tweede kamer: “Het is bepaald niet zo dat daar honderdvijftig mensen gigantisch hun best lopen te doen om het land te dienen. Ze zijn gekozen in het parlement en vinden het leuk daar een tijdje mee bezig te zijn. Zoals de pastoor die nou eenmaal af een toe de klok moet luiden, doen zij nu en dan een debatje.”

Geen belastingen voor Rik Torfs


Politieke moraal

Hoewel het helaas niet het geval is zou niemand mogen stemmen voor een kandidaat-politicus die de de zoon of de dochter is ván, die vooraf verklaart dat hij zijn functie niet zal opnemen (of van wie dat te verwachten valt), die parmantig op een lijst gaat staan terwijl zijn vorig mandaat nog niet is afgelopen, bij wie een gerechterlijk of ander onderzoek hangende is en zeker niet voor een kandidaat die zijn belastingen niet of slechts halvelings betaalt of snode (hoewel vaak legale) middelen aanwendt om die te ontlopen.
Zo legde de regeringscommissaris Bosmans zich toe op een onderzoek naar de nevenactiviteiten van Rik Torfs. “Torfs is alleen op de faculteit en doet dus wat hij wil. Maar nevenactiviteiten mogen een bepaalde grens niet overschrijden. Normaal mogen die nevenactiviteiten maar één vijfde van de tijd innemen en moeten ze bovendien dienstig zijn voor het wetenschappelijk werk. Ik heb van Torfs een officieel antwoord gekregen. Maar was de informatie die hij daarin verstrekte juist? Wie zal het zeggen?”, aldus de oud-regeringscommissaris.
Die nevenactiviteiten waren in ieder geval omvangrijk genoeg voor Torfs om er een commanditaire vennootschap voor op te richten. In die commanditaire vennootschap brengt Torfs al zijn nevenactiviteiten onder, ook de deelname “aan manifestaties, seminaries en colloquia”, zo staat te lezen in de statuten van de commanditaire vennootschap Voie de messe. De naam van de vennootschap is een verwijzing naar de straat in het idyllische Waalse dorpje Chaumont-Gistoux waar Torfs woont.
Een commanditaire vennootschap is een handige manier om belastingen te ontwijken. Wie zijn inkomsten inbrengt in een vennootschap, wordt onderworpen aan de vennootschapsbelasting die een pak voordeliger is dan de personenbelasting.
(dewereldmorgen.be spitte dit dossier over Torfs belastingstrapezestukes uit en bovendien een ernstiger fraudegeval waarin de Leuvense professor betrokken is).