zondag 28 juni 2015

Marianne Thijssen wit van hypocrisie

Witgekalkte graven

"Nooit gezien", zo betitelt Marianne Thyssen, Europees commissaris voor Werk en Sociale Zaken de spaakgelopen onderhandelingen met Griekse regering, in het VRT-programma 'De Zevende Dag'. De Grieken maakten de gesprekken bijzonder moeilijk. "We voelden dat er weinig zin was om een akkoord te sluiten."












Marianne Thijssen poseert als een dame
van goede zeden en voorbeeldige snit.
Haar politieke verklaring dat de barbaarse Grieken
slecht hebben onderhandeld is absolute shit.
Zij zijn onwillig, tegendraads, stiekem
en zonder enige economische pit.
Ach, die parlementsleden van Europa, morele zieken,
graven zijn het overkalkt in bitter wit!

dinsdag 23 juni 2015

Het precieze gebruik (6381 - 6400)

Een verheldering van belangrijke begrippen met raadgevingen van de auteur voor hun juiste gebruik (6381 - 6400)



6381. een Vlaming wint de Gouden Boekenuil: Marc Schaevers wint met zijn boek 'Orgelman' de Gouden Boekenuil. De publieksprijs gaat naar 'De consequenties', de debuutroman van de Nederlandse Niña Weijers. In Orgelman schetst hij een bezield portret van de Duits-Joodse kunstenaar Felix Nussbaum (1904-1944, zie schilderij), die aan de vooravond van de machtsovername door de nazi’s op het punt stond door te breken als de revelatie van de Berlijnse kunstscene, maar die door de geschiedenis werd klemgereden. Hij verbleef als balling in Italië, Basel, Parijs, Oostende en Brussel, maar werd ten slotte ingehaald door de nazi’s: hij belandde op de laatste trein vanuit België naar Auschwitz. Amper tien jaar na zijn dood was er nog nauwelijks iets over hem geweten, er waren maar vijf werken van hem bekend. Het boek is gewoon briljant.

6382. wat wil de N-VA nu eigenlijk?: hoezeer de N-VA ook haar best doet om haar sterk neoliberale ideologie aantrekkelijk te maken met buzzwords als 'responsabilisering' en 'activering', het blijft een feit dat de core business van de N-VA bestaat uit het stigmatiseren van de lagere klassen, het marginaliseren van minderheden en het afbreken van de sociale welvaartsstaat. Ik sta er verstomd van dat veel gewone mensen dat niet door hebben.

6383. cultuurkritiek: is helemaal niet hetzelfde als cultuurpessimisme.

6384. de laatste neologismen: Joris Luyendijk, de giraffe onder het journaille; die film is een echte nekslag; het groenogige monster (de jaloezie); zij is een echte quinoakut; de regen plenst als pis; die daad is heldendichtwaardig (mooier dan 'episch'); menselijk gedrag dat hondenkoppig lomp is of hagedissig fijn.

6385. het kleine ik (1): Dirk De Wachter: "Wanneer ik tegenover iemand zit die de meest ondenkbare racistische uitspraken doet, dan keur ik die niet goed, maar probeer ik te begrijpen wat er gaande is. Ieder mens heeft zijn verhaal, zijn achtergrond en geschiedenis. Achter het zichtbare zit veel verborgen wat we niet weten. Ieder mens is kwetsbaar. Tegenover die kwetsbaarheid moet je mededogen stellen. Voor mij is kwetsbaarheid een talent. Een groot deel van de menselijke creativiteit komt voort uit kwetsbaarheid. Maar onze samenleving heeft maar weinig plaats voor het kwetsbare".

6386. waarom wij arm zijn: volgens de OESO zijn er verschillende factoren die bijdragen tot een stijging van de ongelijkheid in ons land. Vooreerst is er een algemene toename van deeltijdse en precaire arbeid. In België werkt één op de vier werknemers deeltijds. Doorgaans is dat noodgedwongen, omdat mensen de combinatie arbeid-gezin anders niet kunnen combineren. Daarnaast telt België ook meer dan 500.000 mensen die tewerkgesteld zijn als uitzendkracht. Dat betekent dus tijdelijke contracten en een gebrek aan inkomenszekerheid. Dat geldt ook voor de spectaculair stijgende groep van schijnzelfstandigen. Dergelijke precaire arbeidsomstandigheden komen vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. Ook jongeren zijn er extra vatbaar voor. Deze toegenomen kwetsbaarheid van bepaalde groepen hangt nauw samen met veranderende gezinsstructuren. De meeste gezinnen steunen op het inkomen van beide partners. Eénoudergezinnen hebben het daardoor steeds moeilijker en lopen een verhoogd armoederisico. Ondanks de toenemende precarisering en het stijgende armoederisico, is er steeds minder sociale bescherming. Werkloosheidsuit-keringen zijn onderhevig aan een sterke degressiviteit en het leefloon ligt een stuk onder de armoedegrens.

6387. een dikke toekomst:

Vlaamse vrouwen worden heel zeker de dikste
van Europa, voorwaar, een echte dystopie;
dan stemt statistisch iedere vetcel, iedere calorie
voor dertig procent op de Antwerpse Gewiekste.

6388. het kleine ik (2): Griet Op de Beeck: "We zijn met zoveel, mensen die rondlopen met het gevoel dat we tekortschieten, dat we de goede dingen niet verdienen, dat we geen fractie voorstellen van wat de anderen denken dat we voorstellen, en dat we ons er alleen maar uit kunnen lullen, of de schijn hoog houden, voorlopig nog. En dat falen willen we goedmaken. Door te proberen om perfect te zijn, of niet perfect, misschien, want perfectie is niet van deze wereld, dat weten we al lang, maar dan toch de beste die we kunnen zijn".

6389. de grond van ons verlangen naar ascese: dezelfde Griet: "Want diep in ons zit dat gebrek aan eigenwaarde dat vindt dat we een bepaalde mate van afzien ook wel verdiend hebben".

6390. portret van de dichteres Delphine Lecompte (of: hoe het moet in dit erbarmelijke leven): nog eens dezelfde Griet op een andere plaats: "Delphine Lecompte, geboren in 1978, is een bijzondere vrouw. Even aarzelend als geestig in haar spreken, even verlegen als charismatisch in haar voordragen op een podium, even openhartig tijdens het interview als zichzelf slim verstoppend in haar poëzie. In een goed halfuur kom ik te weten dat ze wellicht bipolair is, dat haar jeugd geen feestje was, dat ze een moeilijke relatie met haar moeder heeft, dat haar grote liefde - de vaak weerkerende kruisboogschutter in haar gedichten - de op de eerste rij alles filmende tachtiger is, en dat hij over een groter optimisme beschikt dan zij zich op haar beste kwartieren kan voorstellen.

Ze vertelt dat veel mensen met haar hun verhaal willen delen, omdat ze voelen dat zij het echt wil horen, tegelijk zegt ze dat ze een hevige misantroop is. Ze beschrijft hoe ze zich verzoend heeft met de zwaarmoedigheid waarvoor ze zich vroeger excuseerde, door te begrijpen hoe het anderen kan opluchten dat ze in haar bijzijn eens een keer niet eeuwig hoeven te glimlachen. Ze legt uit dat ze geen idee had dat haar zelfgekozen ontslag als stadsdichter van Damme - waar ze haar vroegen om naar aanleiding van een koers een sonnet te schrijven dat ook moest rijmen - zo veel ophef zou veroorzaken, en ik geloof haar. Daarna zegt ze dat ze de ontslagbrief de hele literaire wereld heeft rondgestuurd, daar grijnst ze bij. Wat een heerlijke complexiteit.

Het treft mij hoe ze over zichzelf spreekt. Met een vreemde mix van aan de zelfhaat grenzende kritische zin en heftige berusting bij dat totaalpakket. Een aantal jaren geleden zei ze in een interview dat ze "luid, stout, compromisloos, onverschrokken, onafhankelijk en twistziek" wilde zijn, maar dat ze in werkelijkheid "bedeesd, gekweld, lusteloos en laf" is. Daar voegde ze nog aan toe: "Maar ik wil mij niet langer interessanter voordoen dan ik ben. Dit hier is Delphine. Wat een teleurstelling, wat een ontnuchtering, maar ik ben blij dat het eindelijk genoeg is."

6391. linkse politiek: volgens de jonge Tobback moet de Sp.a de ambitie hebben om meer te zijn dan een zweeppartijtje. Daarvoor moet zij ook rekening houden met de opvattingen en voorkeuren van het centrum. Maar wat ben je met een partij die opschuift naar het midden en daarom groter wordt, maar haar meest wezenlijke doelstellingen daarbij in het stuikgewas gooit? Zij wordt dan zichtbaar, electoraal succesvol, maar tegelijk nutteloos, behalve voor het clubje van de verkozenen.

6392. wat we kunnen leren van de stervenden: Trui Engels: "De belangrijkste levensles die we volgens de auteurs kunnen leren van de stervenden is genieten van het leven en plezier maken. Of zoals zovelen op hun sterfbed zeggen: "Had ik maar niet zo hard gewerkt". "Genieten, Vlamingen blijven het er moeilijk mee hebben. Mensen denken veel te vaak aan presteren of aan het plannen van zaken die nog dienen te gebeuren, en hebben het afgeleerd om bewust stil te staan bij heel gewone dingen die je gelukkig zouden kunnen maken."

6393. allerlei gefoefel in het wielrennen: Hans Vandeweghe (zie foto): "Wielrennen is klein gebleven en wordt binnen de olympische wereld scheef bekeken, onder meer omdat het een sport was van doping maar ook van gefoefel en combines. De strijd tegen de combines mag evenveel prioriteit krijgen als die tegen doping. Er zal een denkomslag nodig zijn en er zal een generatie over moeten gaan voor je dat er uit krijgt, maar uiteindelijk kan alleen zuivere competitie deze mooie sport redden".

6394. Couperus over vrouwen met migraine: hij beschrijft vrouwen die op een chaise longue in hun boudoir in het halfduister liggen te zwijmelen met de hand theatraal op hun voorhoofd. Die hun leven verlummelen en zich graag wentelen in hun zielige bestaan.

6395. de economie is aan de beterhand: professor De Grauwe: "Sommige politici uit de meerderheid kunnen het niet laten om dit goede nieuws in verband te brengen met het regeringsbeleid. Dat zou voor vertrouwen zorgen en verantwoordelijk zijn voor de heropleving. Daar is niets van aan. De economie van de hele eurozone - uitgezonderd Griekenland - is aan de beterhand. De Belgische heropleving is zeker niet sterker dan in de eurozone. Integendeel. De Nationale Bank voorspelt zelfs dat de economische groei lager zal zijn in België. Misschien ontmoedigt het regeringsbeleid het herstel in ons land, door het getreuzel en de interne ruzies over wat moet gebeuren".

6396. een belangrijk kenmerk van het artistieke talent: doctorandus P: "Kommer en kwel, dat mag ik wel. Het leed dat jij niet hebt, maar waar je je in kunt verlustigen. Mijn liedjes zijn veelal niet blijmoedig. De humor die mij ligt, berust voor een deel op het zwarte, het sombere, het dreigende."

6397. de stille dood van de (beschaafde) taal: Carmiggelt, Komrij, drs. P, taalvirtuozen die we node missen. Kwaliteit sterft uit, om plaats te maken voor de schrijvende kruidenier, en daar puilt de boekhandel van uit.

6398. dé versvorm van doctorandus P: een 'ollekebolleke' is een achtregelig gedicht met een strak ritme. De dichtvorm waaide over uit de Verenigde Staten en werd in de jaren zeventig door Drs. P zelf aangepast en geïntroduceerd in Nederland. De eerste regel van een ollekebolleke is een soort kreet en regel acht rijmt op regel vier. Maar het meest onderscheidende element schuilt in regel zes, die gevormd wordt door een woord van zes lettergrepen, met de hoofdklemtoon op de vierde lettergreep. Allerverrukkelijkst, intelligentsia, acupunctuurpraktijk, apologieverbod, hemofiliepatiënt en blindengeleidehond bijvoorbeeld. En onbelangstellenden (zie onder), dus. De zoektocht naar geschikte woorden "dwingt je om het uiterste uit je taalkennis te halen", aldus de dichter. "Geen versvorm werkt zo verslavend als deze."

6399. een voorbeeld van een ollekebolleke: het afscheidsvers van drs. P bij zijn overlijden:

Even uw aandacht graag!
Korte berichtgeving:
Ondergenoemde
Is niet meer in beeld-

Wat hier (behalve voor
Onbelangstellenden)
Hartelijk groetend
Wordt medegedeeld

6400. Amerikaanse gevangenissen: één op elke 35 Amerikaanse volwassenen zit achter de tralies, is vrij op erewoord of is voorwaardelijk vrij. Het gevangenissysteem is vooral streng voor zwarten en mensen van Latijns-Amerikaanse origine. Hun aantal gevangenen ligt respectievelijk zes en twee keer hoger dan dat van blanken. Eén op elke drie Afro-Amerikaanse mannen zit ooit in zijn leven in de gevangenis. De situatie is dermate ernstig dat voor elke 100 zwarte vrouwen er maar 83 mannen in vrijheid zijn en het is een van de redenen waarom zo veel zwarte vrouwen hun kinderen alleen opvoeden.

Naaktheid als een middel tot seksuele ascese

Pour guérir de l'amour

Mijn vriend Raf zendt me een gedicht van Ludwig Thoma. Naaktheid kan vervelend zijn, ze kan ons genezen van de liefde.



Ein Blick ins Damenbad

Nicht all und jedes, meine Beste,
Ist reizend, was Ihr Kleid verhehlt.
Denn manches, was das Mieder preßte,
Wird schwabbelig, wenn dieses fehlt.

Ein hübscher Stiefel, schöne Strümpfe
Beschwindeln uns oft sonderbar.
Man sieht mit Schrecken, daß die Nymphe
Gespickt mit Hühneraugen war.

Ich spreche nicht von Hinterfronten,
Die, ungebührlich aufgebauscht,
Uns nur so lang bezaubern konnten,
Als schwere Seide sie umrauscht.

Das Nackte kann die Tugend stärken,
Und vieles reizt uns nur umflort.
Ich konnt' es durch die Wand bemerken,
Als ich ein Loch hineingebohrt.